is toegevoegd aan uw favorieten.

De Fransche Revolutie

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

1787

wraakzucht, walging van het leven, eerzucht, duisternis, een bedorven lichaam, en driemaal honderdduizend pond sterling 'sjaars: wanneer deze arme prins zich eens van zijn hofanker losscheurde, in welke gewesten en met welke verschijnselen (phaenomenen) zoude hij dan niet zeilen en drijven ! Gelukkigerwijze houdt hij zich alsof hij nog dagelijks op de jacht ging, en zit daar, gedwongen als hij is, met een dof vollemaansgezicht en dof verglaasde oogen zijn bureau te presideeren, alsof het hem machtig verveelde.

Wij zien eindelijk, dat Mirabeau werkelijk aangekomen is. Hij komt van Berlijn op het tooneel der handeling, werpt een snellen en doordringenden blik naar binnen, en bemerkt dat het voor hem niets geeft. Hij had gehoopt, dat de Notabelen een secretaris zouden noodig hebben. Wel behoeven zij een secretaris, maar hunne keus is op Dupont de Nemours (1) gevallen, een man van minder grooten, maar beteren naam, dien zijne vrienden inderdaad dikwerf over den zeker niet algemeenen last hooren klagen, dat hij met vijf koningen briefwisseling moet houden. (2) Mirabeau's pen kan nu wel geen otticieele worden, maar zij blijft toch eene pen. Daar hem het secretariaat ontgaan is, trekt hij tegen het beursspel te velde [dénonciation de l'agiotage) en geeft, naar gewoonte, met groot gedruisch te kennen, dat hij tegenwoordig en aan den arbeid is, tot hij door vriend Talleyrand, en onder de hand door Calónne zeiven, gewaarschuwd wordt, dat er wel een zeventiende lettre de cachet tegen hem uitgevaardigd kon worden, waarop hij bijtijds over de grenzen vlucht.

Daar zitten nu onze honderd vier en veertig Notabelen in de koninklijke staatsiezaal, gelijk schilderijen van dien tijd ze ons nog voorstellen, georganiseerd, gereed om te hooren en te beraadslagen. Controleur Calonne is met zijne redevoeringen en voorbereidselen nog op verre na niet gereed, ondanks dat wij hem kennen als iemand die buitengewoon vlug arbeidt. In frischheid van stijl, in helderheid, openheid van geest en ruimen blik was zijne openingsrede onovertreflëlijk ; ware de inhoud maar niet zoo schrikwekkend geweest. Een te kort, waaromtrent de opgaven uiteenloopen, en Calonne's eigen opgave niet zonder tegenspraak bleef, maar dat alle opgaven eenstemmig als «enorm" voorstellen. Dat is de korte inhoud der bezwaren van onzen controleur; en nu zijne middelen van herstel ? Louter Turgotisme, want daarop schijnt ten laatste alles te moeten nederkomen. Provinciale vergaderingen, nieuwe belastingen, ja, het zonderlingste van alles, een nieuwe grondbelasting of subvention territoriale, gelijk hij ze noemt, waarvan bevoorrechten noch onbevoorrechten, adel, geestelijkheid, noch parlements-leden verschoond zullen zijn.

Hoe bespottelijk ! Die bevoorrechte klassen waren immers gewoon, belastingen op te leggen, overal, waar zij maar konden, cijns en tol te betten zoolang er een penning was : maar nu zei ven belast te worden ? Ondertusschen bestaan de Notabelen, op slechts weinig uitzonderingen na, uit zulke bevoorrechte menschen. De voorbarige Calonne had niet gedacht aan een oordeelkundige samenstelling der vergadering, maar diegenen tot Notabelen verkozen, die werkelijk notabel waren, en overigens op de ingeving van het oogenblik, op goed geluk en de welsprekendheid vertrouwd, die hem nog nimmer had begeven. Onbezonnen controleur-generaal! Welsprekendheid vermag veel, maarniet alles. Orpheus, met rhvthmisch, muzikaal geworden welsprekendheid — wat wij poëzie noemen — ontlokt tranen aan Pluto ; maar door wat toovermacht van rijm of onrijm zoudt gij uit Plutus' zak goud kunnen lokken? Gevolgelijk de storm, die thans opstak en om Calonne begon te huilen, aanvankelijk in de zeven bureaux en daarna daar buiten, door deze opgewekt in steeds grootere kringen, tot hij zich over geheel Frankrijk verspreidt, dreigt onbezweerbaar te worden. Zulk een ontzaglijk te kort! Dat getuigt maar al te zeer van een slecht bestuur en verkwisting. Men zinspeelt zelfs op

(1) Pierre Samuel Dupont, dit de Nemours f1739—1817,) naakte zich reeds op jongen leeftijd bekend door zijne geschriften op economisch geb ed, o. a. door zijn in 1763 te Londen uitgegeven Réflexions sur Técrit intitule: Richesses de l'Etat.

(2) Dlmont, Souvenirs sur Mikabeau (Parijs, 1832) pag. 20.