is toegevoegd aan uw favorieten.

De Fransche Revolutie

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

1781), 4 Mei

in hunne soort; en zeg dan nogmaals, met liet oog op hetgeen zij deden en

waren: O tempus ferax rerum. (1)

Is echter over het algemeen die ongelukkige geestelijkheid in den stroom der tijden ook niet van haar oorspronkelijken breedtegraad weggedreven? Het is een anomale massa mensehen, waarvan de geheele wereld reeds een duister begrip heeft, dat zij niets kunnen begrijpen. Eens waren zij eene priesterschap, tolken der wijsheid,' verkondigers van liet heilige, dat in den mensch is, een ware clerus

Talleyrand-Pkrigord.

(of erfgenamen Gods op aarde): maar nu? Zwijgend gaan zij voorbij, met de cahier*, die zij hebben kunnen tot stand brengen, in de band en niemand roept: God zegene hen!

Koning Lodewi.tk en zijn hof sluiten den trein. Hij, blijmoedig als hij is op dezen dag der hope, wordt met toejuichingen begroet; nog meer echter zijn minister Neckf.r. Niet zoo de koningin, wie geen straal van lioop meer tegenblinkt. Ongelukkige koningin! Heure haren zijn reeds grijs van zorg en hartzeer,

(1) O tijd, vruchtbaar in zaken.