is toegevoegd aan uw favorieten.

De Fransche Revolutie

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

1789, 14 Juli

ZEVENDE HOOFDSTUK.

Geen „Révolte.*'

Waarom zouden wij ons ophouden bij hetgeen nu volgt? Men had het foi d'officie)' van Hulin moeten houden, maar men kon het niet. De Zwitsers staan in gelederen geschaard, in witte linnen kielen vermomd; de invaliden, zonder vermomming, hebben hunne wapenen tegen den muur geplaatst.

De eerste stroom van de overwinnaars valt hun in vervoering over het doorgestane doodsgevaar om den hals, maar nieuwe en steeds nieuwe overwinnaars komen toestroomen, ook wel in vervoering, maar niet geheel en al met die der blijdschap vervuld. Het was, gelijk wij zeiden, een levende zondvloed die doldriftig naar binnen stortte. Hadden de gardes Frangaises niet op hun bedaarde militaire wijze met gevelde geweren hun front veranderd, dan zou men zelfmoordend bij honderden en duizenden in de Bastille-gracht zijn nedergestort.

En zoo stuift het, in gloeienden waanzin der overwinning, der smart en der wraakzucht over de verslagenen, door hof en corridor, met onweerstaanbare kracht voortgolvende, en uit vensters op zich zeiven vurende. De arme invaliden, het zal hun slecht vergaan. Een Zwitser, die in zijn witte kiel wegloopt, wordt met een doodelijken slag teruggedreven. Alle gevangenen naar het Stadhuis, om daar gevonnisd te worden! Helaas, reeds heeft men een armen invalide de rechterhand afgehouwen, zijn verminkt lichaam wordt naar liet plein de Grère gesleept en daar opgehangen. Die zelfde rechterhand hield, naar het heet, de Launay van het kruitmagazijn terug en redde Parijs. (1)

De Launay, dien men «in een grijzen rok met papaverkleurig lint" ontdekt, (2) wil zich zeiven, met zijn stokdegen, ter dood brengen. Hij moet naar het Hötelde-Ville, onder bedekking van Hulin, Maillard en anderen. Hulin marcheert voorop, met het kapitulatie-papier op de punt van zijn degen. Te midden van razen en vloeken, van gebalde vuisten, van dringen en ten laatste van slagen, gaat het voorwaarts! De bedekking wordt op zijde gedrongen, op den grond geworpen ; Hulin zelf zinkt uitgeput op een hoop steenen neder. Deerniswaardige de Launay! Nooit zal hij in het Hótel-de-Ville komen, slechts zijn bloedige haarstaart, (3) die een bloedige hand in de hoogte houdt, zal er heen komen als een teeken. De bloedende romp ligt ginds op de trappen, het afgehouwen hoofd wordt huiveringwekkend, hoog op eene piek, door de straten gedragen.

De strenge de Launay stierf, terwijl hij uitriep: «O vrienden, doodt mij snel!" De barmhartige de Losme moet sterven. Hoewel in deze vreeselijke ure de dankbaarheid hem omhelst, en voor hem wil sterven, het baat niet! (4) Broeders, uw toorngloed

(1) De naam van dezen invalide was Béquart, volgens Histoire de Ia révolution par deux arnis de Ia liberté, eene bron, die door Carlyle vlijtig gebruikt is.

(2) nvêtu d'un frac gris avee un ruban ponceau," gelijk te lezen staat in het verhaal van deux amis de la liberta.

(3) Zie ook Thiers, Histoire de Ia révolution franfai.se. I. 53.

(4) De schrijver zinspeelt hier op bet volgende voorval: Men had den majoor de Losme-Salbray reeds gesleurd tot op het plein de Gróve, toen eensklaps een jongraensch door de menigte drong en uitriep : «houdt op, gij wilt den beste der menschen dooden, ik ben vijf jaren in de Bastille opgesloten geweest, hij was mijn trooster, mijn vriend, mijn vader." Deze jonkman was de markies de Pelleport, die, wegens het schrijven van eenige pamfletten, destijds in de Bastille had verblijf gehouden. Maar zijne tusschenkomst mocht niet baten; zelf door een bijlslag gewond, moest hij zich terugtrekken, en de man, dien hij wilde redden, werd afgemaakt, terwijl diens hoofd, evenals dat van den gouverneur, in triomf, op een piek werd rondgedragen.

31