is toegevoegd aan uw favorieten.

De architectuur in hare hoofdtijdperken

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

gische volgorde gestadig toeneemt. Bovengenoemde figuren wijzen dit trouwens duidelijk aan. Docli de diagrammen ter toelichting door den schrijver gegeven') doen tevens zien dat — in strijd met zijn bewering, de verhoudingen deitempels slechts bij enkele uitzondering door het vierkant worden geregeld. Alleen van liet Theseion (fig. '222) is, ongerekend een geringe fractie, de geheele hoogte van de ordonnantie gelijk aan driemaal den afstand der middenzuilassen. Bij alle andere tempels worden de fractiën zoo belangrijk verschillend dat de theorie van het „carré regulateur haar waarde verliest, zoowel voor de bepaling der algeineene verhoudingen van den tempel, als voor de vaststelling der onderdeden van het Dorisch hoofdgestel en het kapiteel.

Ook de bewering van den schrijver dat de hoogte der zuil en die van het hoofdgestel in geheele getallen worden uitgedrukt vervalt, op grond van nauwkeurige vergelijkingen en opmetingen door Ch. Chipiez verricht-). Xocli bij Dorische, noch bij Ionische tempels zijn door hem die eenvoudige verhoudingen weergevonden welke de schrijver aangeeft. Alleen door de werkelijke afmetingen te wijzigen, of door gebreken in de uitvoering te onderstellen, is de houdbaarheid mogelijk der vermeende geometrische stelsels door de architecten der oudheid gevolgd 3).

Hetzelfde lot valt de theorieën van andere schrijvers ten deel, inclusief die van Vitruvius. „Deze Romein heeft speciale canons bij slechts enkele Komeinsche monumenten van zijn tijd medegedeeld (Chipiez). Zij zijn niet op de (irieksche architectuur toepasselijk.

Steunende op grondige studiën van Ch. Chipiez, .1. Burin en andere architecten kunnen de resultaten van het onderzoek naar de modulaire verhoudingen, waargenomen aan verschillende, opvolgende (.irieksche tempels, aldus in algemeene bepalingen worden uitgedrukt.

Voortdurend lichtere samenstelling door vermindering der zuildikte in verhouding tot den ouderlingen znilafstand; proportioneele vermindering van deze tot de toenemende zuilhoogte; proportioneele toeneming der zuillioogte en afneming van het hoofdgestel der ordonnantie. "N erinindering der zuilverdunning; hoogte-vermindering en samentrekking van bet Dorisch kapiteel.

Al deze verschijnselen, waaraan een strikt chronologische opvolging moet worden ontzegd, bepalen den algemeenen gedachtengang der (irieksche bouwmeesters in de samenstelling van den tempel. Zij zijn in de figuren 14!) en 150 gemakkelijk waar te nemen.

Slechts terloops zij ten slotte vermeld: de theorie der krommingen van

1) Idem pl. 11, '24 en 25.

'■*) Zie: „l'Architecture", jaargang 1893, pag. 378.

:') L. Reynaud, Traité d'architecture.