is toegevoegd aan uw favorieten.

De architectuur in hare hoofdtijdperken

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

liebben gewerkt, althans deze van zeer nabij heeft gekend. De volkomen ontwikkelde Fransche aanleg is bier met uiterste lichtheid in opbouw toegepast (lig. 174). Het schip ter hoogte van 212 maal den zijbeuk, heeft eene verhouding van 3 : 1. Streng constructief is zijn opbouw, onberispelijk het verband der dragende en schorende organen. De plaatsing van boveninuur en pijlers, midden op de ranke bundelzuilen van het ruim, de juiste aanzet en den sierlijken vorm der open gewerkte luchtbogen, de rijk bewerkte contraforten met baldakijnbekroning, de groote ramen, en in 't algemeen de domineerende verticale verhoudingen toonen dat liet constructiestelsel der Fransche kathedraal hier van alle onvolkomenheid en aarzeling is ontdaan, tot volle technische rijpheid is ontwikkeld. Ook door de rijke vormentaal van het uit en inwendige behoort de Dom te Keulen tot den bloeitijd van de (Jothiek.

Buitengewoon groot zijn de dubbele torens. Zij beslaan, in plan, de volle breedte der beide zijbeuken en worden, overeenkomstig deze, door een middelpijler in vier vierkante traveeën verdeeld. Dezelfde dwarsverdeeling is aan het niiddelportaal doorgevoerd.

Het strenge planschema komt in de gevels nauwkeurig tot uitdrukking en de voorgevel is, beter dan in Frankrijk, liet getrouwe beeld der ruimte itig. 1 7.")). Kigenlijk bestaat de gevel slechts uit de twee ontzaglijke torens, wier opengewerkte steenen spitsen zich ongeveer 1.(55 M. hoog verheffen. Want al is het schip rationeel in liet gevelvlak doorgevoerd en door den topgevel en het middelraam aangeduid, zoo wordt liet hier toch geheel bijzaak. Ter weerszijden hiervan spreekt de verdeelde bovenruiinte door den middelpijler, twee verdiepingen hoog, om daarna schijnbaar als een ruimte op te gaan.

Ondanks den langdurigen, veelbewogen bouwtijd1) is de eenheid van stijl volkomen bewaard. Pijlers, muren en ramen hebben correcte, sierlijke vormen en alle onderdeden toonen den bouwmeester van goede school.

Toch wekt dit, uit een technisch oogpunt zoo verdienstelijk monument meer verbazing dan bewondering. De massa moge door haar reusachtige grootte, haar knap samenstel ontzag wekken, door innerlijke schoonheid boeien of ontroeren doet zij niet. Daartoe mist ze de bezieling, de poëzie, aan de Fransche kathedralen, ondanks haar onvolkomenheden, eigen. Het gevoel voor schoone verhoudingen uitgedrukt in liet onderling verband der sprekende deden, in de tegenstelling van hoofdmotieven en onderdeden door schaal, vorm en bewerking, het onbewust scheppende, kortom datgene, waarin de ziel van den kunstenaar spreekt, wat liet bouwwerk wijding geeft

') De kerk werd eerst in de 19»' eeuw voltooid.