is toegevoegd aan uw favorieten.

De architectuur in hare hoofdtijdperken

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

1)K liKNAISSANCK IN ITALIË.

een ronde koepel met pendentiefs en verticalen trommel op vierkante kruisbeuk (IH M. spanning), aansluitende tot het Uothische langsschip. Het uitwendige, in schilderachtige doch onzuivere baksteen- en terra-cotta-architectuur, is later herhaaldelijk gewijzigd. Door Bramante en zijn school zijn nog tal van koepelgebouwen in steden van Xoord-Italië, Pavia, Prato, Legnano, Como,

Canobbia e. a. gesticht 1).

Bramante's koepelhouwen van dezen tijd kenmerken zich door schoone ruimteontwikkeling, edele verhoudingen, lichten ophouw en verfijnde bewerking der onderdeden in marmer of terracotta. Uitwendig is het groote vraagstuk nog slechts ten deele opgelost, doordien de koepel niet rationeel tot uitdrukking komt, doch achter een dwerggalerij en tentdak schuil gaat.

Op deze sierlijke koepelruimten van den vroegen Lombardischen tijd volgen te Rome die der HoogRenaissance. Bramante's eerste werk, het tempeltje in den kloosterhof van 8. Pietro in Montorio (1499—1502), een ronde

Fig. 306. S. Pieterskerk te Rome. (Tegenwoordige toestand). kapel lliet llOOoen koepel

en omgeving van 16 Dorische zuilen, is een statig, klein monument geheel in antieken geest. De architektuur, in krachtige», strengen stijl opgevat, kenmerkt zich evenals in zijn vorige werken door voornaamheid en verfijning van verhoudingen en bewerking.

Vier jaar later (1506) legde hij den grondslag tot zijn meest grootsche schepping, de S. Pieterskerk van Rome, het hoofdwerk van de kerkelijke architectuur der Renaissance.

') Zie. C. v. Lützow. Die Ktinstschatze Italiens.