is toegevoegd aan uw favorieten.

De architectuur in hare hoofdtijdperken

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

DK liKNAISSANCK IN FRANKRIJK.

deelen, de ramen en deuren, als onbeduidend miniatuurwerk verschijnen (tij;-. 307). Ondanks liet statig karakter, de sclioone verhoudingen, de krachtige werking, vele gevels eigen, getuigen zij, dat de architectuur van dezen tijd er niet in geslaagd is om harmonisch te vereenigen twee zoozeer tegenstrijdige elementen, het verticalisme van het Christelijk bedehuis met het horizontalisme van den antieken tempel.

FK ANKRIJK.

Even als in Italië gaat hier de hervorming van wetenschap, letteren en decoratieve kunst die der bouwkunst vooraf. l)e werkzaamheid van (irieksche geleerden aan de universiteit te Parijs, de Fransche vertaling van klassieke werken in het midden der 1 5e eeuw, en iets later ook de invoering van klassieke elementen in (iothische illustratiën, miniaturen, graftomben, kerkportalen, koorhekken en andere werken getuigen hiervan.

De architectuur zelf volgt eerst in het begin der L<>e eeuw, na de politieke veldtochten, door Karei VIII en Lodewijk Xll in 1495 en later naar Napels ondernomen. De feestelijke ontvangst van de Fransche ridderschap in de schoone ltaliaansche paleizen en villa s, met hun luisterrijke hallen, galerijen, zalen, lommerrijke parken en tuinen, wekte groote geestdrift. Naden terugkeer aan eigen haard, in de stugge, ongenaakbare burcht moest deze, met haar eng binnenplein, als eenige plaats van open verkeer, onbehaaglijk en somber schijnen en al spoedig ontstond beboette aan een meer ruime, geriefelijke woning, een „palais a 1 Italienne", niet vrij uitzicht op de omgeving. Verschillende kasteelen werden in dezen trant herbouwd.

Natuurlijk was de aanblik van Italië alleen niet genoeg om dezen ommekeer teweeg te brengen, en moest de maatschappelijke toestand rijp zijn voor hervorming. En inderdaad, ook in Frankrijk ging toen de geest der middeleeuwen ten einde. Reeds had Lodewijk XI het feodalisme voorgoed gefnuikt door de vestiging van de monarchie, de eenheid des rijks i L4(il). Ridderdom en romantiek hadden bovendien door de hervorming van het krijgswezen, in verband met de uitvinding van het buskruit, hun overwicht verloren. Geloofsijver en kerkheerschappij waren verflauwd, verzwakt en daarmee verloor de Gothiek, die in den flamboyant stijl tot een laatste uiting van oververfijnde, soms grillige, overladen vormkunst was afgedaald, levenskracht, innerlijke bezieling. Zoo bleek Frankrijk in het begin der l(>e eeuw, zoowel in maatschappelijken als geestelijken zin, rijp voor hervorming.

Krachtig bevorderen en leiden nu Frankrijk s koningen de nieuwe kunstbeweging. Zij konden den toon aangeven, omdat onder de toenemende macht