is toegevoegd aan uw favorieten.

Handboek voor de methodiek der leervakken, ten dienste van hen, die studeeren voor de hoofdacte en voor vergelijkbare examens

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

het ons voor, dat we met die onderscheiding het best onze meeningen kunnen verduidelijken. Onder inhoud zullen we dan alleen verstaan de leerstof, de onderwerpen, die in de leesles worden behandeld. We zouden kunnen aanvangen met de bespreking van het luid lezen, maar omdat verschillende eischen, aan dat luid lezen te stellen, afhangen van inhoud en vorm, komt het ons beter voor te beginnen met den inhoud.

I. De inhoud dor leeslessen.

§ 77. De stof in '(algemeen.

Op den voorgrond wenschen we te stellen, dat het leesonderwijs met m de eerste plaats mag dienen om te leeren, d. i. om zaakkennis aan te brengen, vooral niet in de eerste leerjaren. We zeiden reeds, dat dit de taak is van de andere leervakken: aardrijkskunde, geschiedenis, natuurkennis enz.

Het is hier misschien de plaats om de eigenaardige stelling, die het „taalonderwijs" in zijn ganschen omvang inneemt ten opzichte van de andere leervakken, eenigszins toe te lichten, ook, om niet te worden misverstaan. Elders heb ik dat uitvoeriger kunnen doen (Zie „Het Leerplan").

De leervakken zijn, zooals reeds vroeger is aangegeven, in twee groepen te verdeelen; de eene groep omvat de zaken, de andere de vormen. Het gebied der zaken heeft betrekking op omgang en ervaring.

De leervakken, die voornamelijk ten doel hebben den werke-

1 Üken omgang der kinderen uit te breiden, ook met een idealen

omgang, zijn: godsdienstonderwijs en geschiedenis; het leervak, dat

de ervaring der leerlingen vermeerdert, aanvult, is de natuurkennis.

„De kennis der aarde is vaak een associeerende wetenschap genoemd; ze staat a. h. w. tusschen godsdienst en geschiedenis aan den eenen en de natuurwetenschappen aan den anderen kant."

Het gebied der zaken omvat aldus: godsdienst, geschiedenis geografie en natuurkennis.

Het zuivere vormenonderwijs bemoeit zich met teeken, getal en ruimte (rekenen en vormleer en teekenen). Die vormen zijn met