is toegevoegd aan uw favorieten.

De gezonde geloovige, zijnde een verhandeling der evangelische bekeering, ontdekkende het werk van Christus' geest in de verzoening eens zondaars met God

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

MET DE HEILIGMAKING.

nochtans rouwklagen zij niet; nooit deden zij het één geheel uur, ja zij kunnen het niet doen, omdat zij het niet willen. Zoo gij vermoeid en beladenzijt, waar zijn uw onuitsprekelijke zuchtingen ? Zoo gij verbrijzeld en gewond zijt, waar zijn uw droevige klachten? Indien ziek, waar is uw vragen naar een medicijnmeester? Indien droevig, waar zijn uw tranen bij dag en bij nacht, des morgens en des avonds, alleen met u zeiven en in gezelschap met anderen? Och, hoe groot is de toorn van God, daar heden ten dage zoo veel duizenden verhard worden! Vanwaar, komt het, dat Christus niet hoog gewaardeerd wordt, dan door hun gevoeligheid? Zeg eens de reden, waarom het gezegend Evangelie des vredes en al de zoete beloften des levens klein geacht worden, dan hierom ? En arme schepselen! wat doet gij anders dan dat gij uw zonden hiermede verzwaart, en maakt dat degenen die klein zijn, zeer groot worden in de oogen Gods, waardoor gij toorn vergadert als een schat, in den dag des toorns, Rom. 2 : 2, 3, 4, 5 • Deze hardheid is het, die de scherpte van Gods ordonnantiën verstompt, waarom de arme dienaren Gods treurig neerzitten in hun binnenkamers, ziende al Gods zaad verloren op onvruchtbare steenrotsen. Ach, dit is de staat van menig mensch; en wat het schrikkelijkst is, het middel dat het hart gevoelig moest maken, maakt het trotscher en ongevoeliger. Tyrus, Sidon en Sodorn zijn beter geschikt om te weenen dan Chorazin en Kapernaüm, die langen tijd vernederende middelen genoten hebben. Ja hoe velen zijn uitgelaten in klachten en overmatig in bekentenissen en worden daarna door hun eigen vernederingen ongevoeliger ? Leefden wij ooit in een onboetvaardiger, zorgeloozer eeuw? Wij zullen zelden iemand ontmoeten, die over zijn zonden verbroken is, maar hoe weinigen zijn er ook afgebroken van hun zonden. Hierom zult gij menigen hoogen ceder, die reeds onder de bekeerden in het naamboek was aangeteekend, zijnde eens zeer vernederd en daarna vertroost, na menige jaren wachtens, in gevaarlijker zonden van een tweede opkomst zien vallen; de een wordt een gierigaard, de ander een dronkaard, deze hoovaardig, die een scheurmaker, gene een verdorde halm, een letterknecht, vol eigenzinnige gevoelens en beladen met schandelijke begeerlijkheden. Wee u, die nu niet treurt, want gij zult treuren. Meent gij dat Christus ooit uw tranen zal afdrogen,