is toegevoegd aan uw favorieten.

Grootkapitaal en kleinhandel

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

likwideeren — zij hebben zich of op andere takken toegelegd, of slaan er zich met moeite als agent door, of zijn als reizigers, verkoopers of boekhouders in bazaars werkzaam; verreweg het grootste getal hebben hunne zelfstandigheid verloren en moet blijde zijn hunne gezinnen nog gebrekkig te kunnen onderhouden" '). — Reeds eenigen tijd geleden noteerde J. Beatie Crozier in zijn werk Civilisation and Progress (1888) den nadeeligen invloed op de «kleinere zelfstandige winkeliers" van die «enorme koöperatieve zaken" welke typisch zijn voor de beweging in Engeland. »Velen" zegt hij, zijn verplicht geworden hunne zaak te sluiten en een ondergeschikte betrekking aan te nemen in de grootere ondernemingen" 2). Als een gebeurtenis voor Amerika in vollen gang, konstateert Charles Whiting Baker in zijn veelgelezen werk over Trusts (Monopolies and the People, 3e ed. 1899, blz. 3°4). "het verdringen van tienduizende onafhankelijke kooplieden uit hun zaken" die even zoo vele plaatsen hebben ingenomen als »geemployeerden van verschillenden rang in dienst van de kombinatie, eigenares van het groote verkoophuis". In het algemeen noemt men dezen overgang als een van de wegen, waarlangs de blijkens de beroepstellingen van '82 en '95 verdwenen zeer kleine patroons een goed heenkomen hebben gezocht, zoowel in den handel als

') GuavEix, t. a. p. bl. 70.

a) Uit hoofdstuk VI: »The March of Concentration." bl. 35.