is toegevoegd aan uw favorieten.

Grootkapitaal en kleinhandel

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

\ erlies van onafhankelijkheid, om een pijnlijke vernedering te zijn, behoeft niet altijd ook formeel volledig te wezen. Zoo is de verhouding waarin de kleinhandel gebracht wordt door de monopolies van produktie, niet altijd die van formeele ondergeschiktheid. De gekoncentreerde produktie heeft in sommige takken in het bestaande winkelbedrijf een organisatie gevonden, welke het om verschillende redenen nuttig kon zijn onaangetast te laten. Onaangetast althans in zijn funktie tegenover de verbruikers. Doch wie het artikel bezit, bepaalt ten slotte hoe het artikel zal worden verkocht. De kleinhandelaar, en de tusschenhandel in het algemeen, koopt niet meer op open markten, maar koopt van een gesloten monopolie — en de eenige konkurrentie die nog overblijft, is de onderlinge konkurrentie van de kleine menschen. De kans om goedkooper in te koopen is voor goed afgesneden, de noodzakelijkheid om goedkooper te verkoopen geldt voor ieder die iets verdienen wil. Doch als bescherming tegen dezen verderfelijken dwang maken somtijds de winkeliers een syndikaat of ring onder elkaar. Dan zijn ze dubbel gebonden, eenmaal aan den producent voor den inkoop en eenmaal aan elkander voor den verkoop. Meestal, echter, is de overmacht van den producent voldoende om den winkelier nog enkel den schijn van zelfstandigheid te laten. De trust bepaalt de detailprijzen en straft iedere afwijking van zijn gebod met onmiddellijken ondergang.