is toegevoegd aan uw favorieten.

Kapitaal en arbeid in Nederland

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

voedde andere volkeren op tot den zijnen, het leerde , z'Jn wegen en verstopte, ter wille van oogenblikkelijk voordeel, voor de toekomst zijn eigen bronnen van bestaan.

De groote graan- en houtvloten onder hollandschen vlag verdwenen, de koophandel werd beperkt tot de weinige artikelen, die Nederland zelf opleverde, zooals zuivel, tabak en de minderwaardige haring die, nu de visscherij in de open zee zoo goed als onmogelijk was geworden, uit de Zuiderzee werd opgehaald. Dat het geheele kompex der met scheepvaart en visscherij in verband staande industriën steeds meer verviel, behoeft nauwelijks vermeld te worden. De verplaatsing van een aantal fabrieksbedrijven naar het buitenland, gelijk wij weten in een vorig tijdperk begonnen, nam thans schrikbarende afmetingen aan. De houtzaag- en oliemolens werden naar de Oostzee, de jeneverstokerijen naar het gebied van Wezer, Elbe en Oder, de vischkakerijen en zouterijen naar de Eems verplaatst. De leidsche katoenindustrie verloor de voor haar zoo belangrijke indische markt, de haarlemsche linnenweverij de zuid-amerikaansche.')

In den algemeenen achteruitgang deelde ook de geldhandel; de amsterdamsche bank kwijnde, zijn crediet ging voortdurend achteruit. De engelsche, spaansche, oostenrijksche en russische schuldbrieven wierpen zoo lang de oorlog duurde geen interest af; evenmin de plantageleeningen in West-Amerika: zoo boetten de kapitalistische klassen wederom een groot deel hunner inkomsten in.2) Het vertrek van den stadhouder en zijn hof beteekende voor de residentiestad natuurlijk groote schade ; de prachtige paleizen der aanzienlijken stonden ledig, zij, die niet geëmigreerd waren, leefden in achterstraten op bescheiden voet.3)

De inkomsten van den Staat bleken ten eenenmale 1) Blok, VII, bl. 23.

bij2 Blok''vH^b? 96°' ^ Bataafsche rePubliek in 1800, aangehaald 3) Blok, VII,'bl. 97.