is toegevoegd aan uw favorieten.

Kapitaal en arbeid in Nederland

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Het noodlottig gevolg der levens-kondities waarin het proletariaat geslachten lang verkeerde, was fysieke en geestelijke ontaarding. Een nieuw menschentype had zich gevormd, zwakker en ziekelijker dan zijn voorvaders geweest waren; loom en traag van geest, zedelijk zonder eenige fierheid, aan vernedering gewend en in kalvinistische berusting voort vegeteerend. ')

De physieke minderwaardigheid van den nederlandschen proletariër van stad en platteland wordt in vele oordeelen gekonstateerd. De Bosch Kemper noemt de lotelingen voor de nationale militie „een treurig bewijs voor den verachterden fysieken toestand onzer arbeidende bevolking." *) Het is een bedroevend gezicht, zegt hij de lotelingen eener stad bij elkander te zien. „Zij schijnen .hinderen, terwijl zii krachtige jongelingen behoorden te zijn. Een door hem aangehaalden geneesheer schrijft omtrent hun slechten sanitairen toestand: „jaren lang was ik getuige van een opeenstapeling van kwalen, waarmee de kommissie als 't ware bestormd wordt."

De lengtemaat, zagen wij, was verminderd. De lichaamskracht, op t eind der 18de eeuw al tot die van vroeger tijden staande als 4 tot 5, was in de 19de nog belangrijk afgenomen. De schrijver van het rapport over den toestand der friesche bevolking schrijft, dat de meeste arbeiders hoe langer hoe ongeschikter worden tot zwaren arbeid; hij voorzag, dat de mannen zouden eindigen met terecht te komen in 't braakhok en bij t spinnewiel, en vreemdelingen het mannenwerk verrichten.

Dit gebeurde reeds op groote schaal. Duitschers kwamen uit Hannover voor 't maaien en oogsten. Duitschers meest „sterk, ijverig en goed gevoed,' verrichtten het zware werk in de veenderijen, waar de Hollanders „te

„}) Tijdschrift yooi e"z-; zie het rapport over den zedelijken en materieelen toestand der arbeidersbevolking ten plattelande. De leer der verkiezing in verband met die der predestinatie geeft hen een gevoel van onmacht, zekere onderwerping, die m. i. het streven naar een werkdadig leven uitdooft."

2) de Bosch Kemper, De armoede in ons vaderland.