is toegevoegd aan uw favorieten.

Kapitaal en arbeid in Nederland

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

durende daling der vrachten bij het overzeesch verkeer; protektionische maatregelen om den invoer van vee tegen te gaan in Engeland, Belgie, Duitschland; opkomst der machinale boterbereiding in Denemarken, Canada en Australië; toepassing van de resultaten van landbouwwetenschap en chemie; rationeele en intensieve kuituur — alles werkte samen om den nederlandschen landbouw slag op slag toe te brengen. Ook de langdurige verwaarloozing van de belangen van landbouwbedrijf en platteland door de heerschende klassen wreekte zich '). Onder den bedriegelijken bloei loerden de gevaren van irrationeele bedrijfswijze, onvoldoende verkeersmiddelen en gebrek aan krediet. Gevolg van het bedrijf, van zijn eeuwenoude gewoonten van eenzamen arbeid en afgezonderd bestaan, en slechts door het nijpen van den nood te overwinnen, waren een uiterst individualisme en volkomen gebrek aan samenwerking. Van koöperatie bij het behartigen van gemeenschappe-

1) «In Nederland heeft de landbouw zich nog minder dan elders mogen verheugen in de algemeene belangstelling. De landbouw is bij de verdeeling van de staatsbemoeiing steeds het stiefkind geweest. Bijna zonder uitzondering treden de belangen van de nijverheid en vooral van den handel op den voorgrond en de landbouw betaalt het gelag." (Uitkomsten van het onderzoek naar den toestand van den landbouw in Nederland. (IVde Deel, bl. 101). „Terwijl de staat jaarlijks schatten besteedt om de groote havens te verbeteren, rivieren te normaliseeren, de kanalen voor den groothandel geschikt te maken, wordt de geleidelijke verbetering der binnenlandsche verkeerswegen hoofdzakelijk overgelaten aan de belanghebbenden zeiven. De produktiekosten van handel en nijverheid worden van staatswege verminderd, maar de landbouw blijft verstoken van de eerste hulpmiddelen, waaraan hij in deze ongunstige tijden behoefte heeft." (bl. 102).

Natuurlijk moet niet de handelsbourgeoisie alléén voor deze achterstelling van het platteland worden verantwoordelijk gemaakt, ofschoon haar neiging, voornamelijk voor de ontwikkeling der hulpbronnen, die haar direkt voordeel brachten, op te komen, er zeker veel schuld aan heeft. Maar ook het grondbezit, met de eigenlijke bourgeoisie heerschende klasse en dat uitstekend voor zijn eigen belangen, b.v. vrijstelling van bedrijfsbelasting, wist te zorgen, bekommerde zich niet in 't minst om dingen als vakonderwijs voor den boerenstand, aanmoediging der coöperatieve banken door den staat, enz.