is toegevoegd aan uw favorieten.

Waarom ben ik katholiek?

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Hieruit volgt van zelf, dat de mensch God als zijn Schepper en Heer, als het hoogste en volmaakte goed, aanbidding en gehoorzaamheid, dankbaarheid en liefde verschuldigd is en dat God voor den mensch na dit leven een eeuwig leven heeft bestemd, waar het goede beloond en het kwade gestraft zal worden. Onmogelijk immers kan de oneindig wijze en goede God zijn redelijke schepselen geschapen hebben om na de korte oogenblikken van dit vergankelijk leven tot een eeuwig niets terug te keeren. Onmogelijk kan de algoede God ons het verlangen naar een oneindige gelukzaligheid en een eeuwig leven hebben ingeschapen, wanneer dat verlangen nooit bevredigd zou worden. Onmogelijk kan de rechtvaardige God ons door het geweten gebieden, liever alle lijden dezer aarde en zelfs den dood te ondergaan, dan tegen zijn heilige Wet te misdoen, wanneer Hij niet dengene, die voor de gerechtigheid lijdt en sterft, eeuwig beloonen zou.

Deze waarheden leert de mensch door het licht zijner rede eenigermate kennen uit de schepping, die hem omringt. „Hij vindt, om zoo te spreken, ze door de hand van God in het binnenste van zijnen geest en zijn hart gegrift."1)

Vandaar het verschijnsel, dat alle volkeren zonder uitzondering een godsdienst hebben gehad, dat wil zeggen: het geloof aan een Godheid, aan de verplichting des menschen die Godheid te vereeren, aan de inwerking van God op de wereld, aan de kracht des gebeds, aan een toekomstig leven en een vergelding na den dood. Wel ging hun godsdienst vaak met dwaling en bijgeloof gepaard, maar overal zijn toch die waarheden in hare groote lijnen terug te vinden. Wel vervielen de heidenen tot de vereering van tallooze valsche goden, maar toch bleef ook bij hen bestaan het geloof aan één oppersten God, boven de andere goden verheven. Dat algemeen verspreide geloof vindt zijn oorzaak hierin, dat de mensch door zijn natuurlijk

1) Devivier: Apologie des Christendoms, bi. 5.