Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

den Hartogh ontrent twee uuren op zyde en zy schooten eikanderen zeer reddeloos. De Ruiters geschut ging zoo gezwmdt at', als of men met musketten liadt geschooten: en eindelyk werdt ontrent ten negen uuren des Hartoghs groote steng, met de roode vlagh afgeschooten, en hy zou groot gevaar geloopen hebben van door de branders aangesteeken te worden, hadt het de stilte niet belet. De Hartog van Jork hieldt het ondertusschen draagende, en week van de Ruiter af, doch meer dan een Konings schip vervulde straks zyn plaats: en hy vondt zich genoodtzaakt om met zyn persoon en vlagh over te gaan op 't schip Londen, daar men d' Amiraals vlagh of Koninglyken standert sedert zagli of waaijen, zonder dat hy de Ruiter daarna weer naderde." (bl. 6(58).

„De Hoeren Staaten van Hollandt hadden den tweeden van April goedtgevonden, den Heer Kornelis de Wit, Ruwaart van Putten, Oudt Burgemeester der stadt Dordrecht, te verzoeken, om van weege de Provincie van Hollandt ter Generaaliteit te worden voorgedraagen tot Gedeputeerde en Grevolgmaghtighde van den Staat op 's Landts vloote in d' aanstaande expeditie ter zee: verzoekende de Heeren Gedeputeerden der stadt Dordrecht, ontrent hunne Heeren en Meesters alle goede officien aan te wenden, ten einde de zelve den gemelden Heere de Wit tot het aanneemen van de voorschreeve commissie moghten disponeeren. Ook wordt by hunne Hoog. Moog. den achtsten, commissie op hem, Heere de Wit, ten gemelden einde verleent. Daar op werdt de Heer de Wit den zestienden der maandt uit den naame en van weege hunne Ed. Groot Moog. gesommeert zich te verklaaren ontrent het aanneemen van de voorzeide commissie,

Sluiten