Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Het zonnetje breekt door.

En weer was de dichter bij den zieken Peter.

„Nu, mijn prinsje, waarom krijg ik geen hand?"

„Ik ben zoo ziek en het regent zoo. Ik wou, dat ik dood was, dood ... dood."

En de jongen wendde zijn gezicht af.

Peinzend ging Fantasio bij het bed van den zieken knaap zitten en er kwam op het gezicht van den dichter de trek van groote goedheid, die er was, wanneer er over zijn voorhoofd rimpels trokken en de onderlip zich wat naar voren richtte.

Sluiten