Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

peinsde ridder Dirk telkens over de vraag wie hij wel tot slotvrouw kiezen zou.

Toen had hij eindelijk een plannetje bedacht.

Op een lentedag, toen de tijd van bezoeken en feesten en jagen weer was aangebroken, hield hij zich of hij van zijn paard was gevallen, juist op een plek, waar allen voorbij moesten, dicht bij een hoeve. Dien dag toch zou men gezamenlijk op de jacht gaan, ridders en jonkvrouwen in een grooten stoet.

Daar zag men hem liggen en allen schrikten en stonden om hem heen, ook de jonkvrouwen.

Maar in de hoeve woonde een boeremeisje, dat ridder Dirk ook kende. En zij had hem ook gezien en zonder zich aan iemand te storen, knielde zij bij hem neer, zij bevochtigde zijn gezicht met water en voorzichtig tilde zij hem op met een der andere ridders en bracht hem naar de hoeve van haar vader.

Heel gauw daarna vroeg de ridder het boeremeisje ten huwelijk en zij waren zoo gelukkig samen! Dat kan je ook wel aan zijn oogen zien. Kijk, het is of de schilder maar niet genoeg heeft kunnen kijken naar die gelukkige oogen van ridder Dirk, den

Sluiten