Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

hein deed schudden en onder zijne geweldige pooten \eibrijzelde hij den tijger de beenderen.

De tweede deed op dezelfde wijze, toen andermaal een gebrul weerklonk en een tijger zich als een bliksemstraal zoo snel uit het dichte groen op den eersten olifant wierp. Hij sloeg zijne klauwen in liet achterlijf van het dier en klom zoo tegen hem op om de nienschen te bereiken, zoodat niemand durfde schieten, toen Anioedoe met groote tegenwoordigheid van geest hem zijn harpoen door den keel dreef.

-Met een rauwen kreet viel het dier van den olifant en de volgende wierp zich met een aan razernij grenzende woede op hem en trapte hem dood.

I)e opgewonden olifanten renden 1111, alles verbrijzelend en omverwerpend of plat trappend, voort en waren binnen enkele oogenblikken aan de overzijde.

— Goddank! riep Witsen uit, van zijn olifant springend en de anderen zeiden het hem van harte na.

X:dla praatte even met den man der olifanten, die zijne beesten op een stnk suikerriet onthaalde ter belooning voor hunne dapperheid en betaalde hem. 1'oen keerde de man terug, terwijl zij zijn overtocht met hunne geweren beschermden.

Allen ademden verlicht, toen zij hem met zijne olifanten op den anderen oever zagen. Daar groette hij nog eens en vertrok.

Ziezoo, zei Xalla, nu kunnen wij rust nemen en wat gebruiken, daarna zullen wij gaan slapen; hier zijn wij veilig.

- -Maar als de Engelschen eens komen? vroeg Witsen.

Sluiten