Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Waarachtig, een kist! riep Dubois uit. Kom jongens, Kom hier!

Prinsloo en Coetzee, Nalla en zelfs Anioedoe snelden toe.

— De schat, de schat! jubelde Witsen.

— Waar? klonk het.

— Daar! Licht die steenen op!

Prinsloo wendde al zijn spierkracht aan en, geholpen door Coetzee en Anioedoe, wentelde hij een paar rotsblokken weg.

•la, waarlijk, daar lag een ijzeren kist, niet groot maar solide, geheel verroest, maar heel. /ij grepen de hengsels aan en trokken, daar kwam hij los en werd naar boven gehaald.

In een oogwenk hadden Witsen en Dubois zich aangekleed en toen werd de kist naar de bivakplaats gebracht.

liet was, ondanks het roest, een fraai bewerkte ijzeren kist van de grootte van een middelmatigen handkoffer. Alle oppervlakten waren bedekt met versieringen en nergens was slot of scharnier te ontdekken.

In de grootste opgewondenheid beschouwden en betastten zij het ding, maar er viel niets aan te ontdekken. Als men liet niet voor onmogelijk had gehouden, zou men geineend hebben, dat het een massief stuk ijzer was.

— liet moet toch een sluiting hebben.

— -Ia, dat spreekt, maar waar?

Nalla hekeek de figuren, welke op de kist

Van IIalp.m. Diamanten en Paarlen. <o

Sluiten