Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„Wat moeten wij nu beginnen?" vroeg Kee eenigszins angstig. „Daar luidt de bel voor den tweeden keer, en nu zijn Jeanne en Mies er nog niet!"

„Wij moeten maar naar beneden gaan en ons wat achteraf houden; misschien komen ze juist bijtijds," zeide Jet.

„En wat moet ik zeggen, als juf mij vraagt, waar ze zijn?" riep Jo met een benauwde stem uit.

„Kom, het zal jou niet gevraagd worden, ten minste als je maar niet zoo'n gek gezicht zet," meende Kee.

„Anders ga je maar weer hardop droomen van muizen en ratten!" riep Jet haar. „Maar komt nu toch mee, anders krijgen wij nog straf."

De meisjes stormden als losgelaten veulens de trappen af en stonden weldra in de deur der eetzaal, terwijl zij oplettend naar binnen keken om te zien, of Jeanne en Mies er soms waren. Zij zagen echter niemand en gingen met bedrukte gezichten zitten, toen de twee afwezigen, die er tamelijk verwaaid uitzagen en een hoogroode kleur hadden, onverwacht binnentraden. Zij schoven onbemerkt naar haar plaatsen en knikten de vriendinnen vriendelijk toe.

Sluiten