Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

vond, zong hij met zijn heldere, frissche stem een paar liederen, die hij vroeger op de bergen zong, en als hij dan soms tranen kreeg in zijn lieve, zwarte kijkers, — want hij moest dan altijd aan zijn moeder denken, die ze hem geleerd had, — gebeurde het menigmaal, dat de een of andere vriendelijke dame hem een kus op het voorhoofd drukte en hem verlof gaf eens weerom te komen. Hij was echter te bescheiden en ook te verlegen om zoo iets te durven doen, hoe hij er ook naar verlangde.

Hij zat nog heel bedaard boven op de kist het stuk brood op te eten en Cesar keek heel nieuwsgierig door het kleine dakraampje naar buiten, toen de deur van het zolderkamertje zachtjes werd opengeduwd, en een meisje van een jaar of elf naar binnen kwam.

„Paul," zeide zij halfluid.

„Ha, Lena, ben jij daar!" antwoordde Paul, aanstonds van de kist afspringende en haar te gemoet gaande. „Kom, Cesar, zeg Lena goedendag, anders wordt ze nog boos op" je."

„Dat meent je baas niet, Cesar," zeide Lena. die naar het aapje was toegegaan en het over den kop streek. „Geef me maar eens een hand!"

Sluiten