Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

daar hij een vrij harden stomp in zijn rug kreeg, en omziende een twaalfjarigen knaap ontdekte, die hem donker aankeek.

„Wat moet jij hier, ezel! Kun je niet spreken, als je binnenkomt?"

Paul was veel te ontsteld en te verbaasd, om een woord te kunnen uiten, en keek den knaap met groote oogen aan. Hij ontwaarde nu ook een meisje van ongeveer denzelfden leeftijd dat achter hem stond.

„Zeg eens, Lina, wat moet die jongen ? Is hij stom?" vroeg hij weer.

„Misschien wel, Tom," antwoordde Lina, het zusje van Elsa, haar neeije Tom.

„Ruk uit!" riep Tom, en wilde Paul bij den arm trekken. Maar nu kwam het kopje van Cesar te voorschijn, die zijn kleine, witte tandjes liet zien. „Neen, je blijft en laat dien aap zijn kunsten vertoonen!"

„Laat mij maar weggaan," zeide Paul nu verlegen. „Elsa komt, en .. ."

„Wat Elsa!" riep Tom ruw uit. „Je kunt wel zeggen jongejuffrouw Elsa! Zoo'n bedeljongen moet mijn nichtjes niet bij den naam noemen! *

„Ze heeft het zelf gezegd," zeide Paul nu.

Sluiten