Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

nu wierp ny zien zonaer DeaenKen op rom, die in een ommezien op den grond lag, met Paul boven op hem.

Lina begon luid te schreien, en Cesar was op een kast gesprongen en zat in een hoekje gedoken rillend in elkaar.

De jongens klopten elkaar af, dat het een lust was. Toen, volgens Pauls idee, de jongeheer Tom genoeg afgeranseld was, sprong hij overeind, riep zijn aap, die aanstonds op zijn arm sprong, en zeide tot Lina:

„Doe de deur open!"

Deze, die nu ontzag voor hem had gekregen, nam den sleutel, dien Tom op de tafel had neergelegd, en draaide het slot open. Paul ging haastig de kamer uit, voordat Tom nog van den schrik bekomen was. Maar nu wist hij niet recht welken kant hij op moest; hij was nooit in zulk een groot huis geweest, en nu zag hij zooveel deuren dat hij verlegen stond, 't Leek wel of de trap verdwenen was, waarmee hij naar boven was gekomen. Hij kon niet weten, dat die door een deur afgesloten was; en hij zag tot overmaat van smart dat Tom eensklaps uit de kamerdeur kwam.

Sluiten