Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

»Hij was mijn vader, mijnheer!" zeide James. „Ik ben menigmaal met hem aan de Window-groeve geweest!"

„Jij?" riep de heer Johnston aangenaam verrast uit. „Ben jij de zoon van den braven O'Nellv ? Nu, dat doet mij waarlijk genoegen, dat ik je heb leeren kennen, want ik kan het je aanzien, dat je een even braaf en goed man zult worden als uw vader. Goed — breng maar zooveel zand als je wilt en ik zal aan mijn meesterknecht zeggen, je een derde meer er voor te betalen, dan aan de andere zandbrengers. Dat is het mij wel waard, als je het uit de Window-groeve haalt. Je zult het geheele jaar door werk bij mjj vinden, — maar hoe gaat het thuis bij je? tk geloof, dat uw moeder nog leeft, niet waar?"

„Ja. mijnheer, en ik heb ook nog een zuster, een lief. goed meisje," antwoordde James trouwhartig. „Bessy helpt mij met het zandhalen, mijnheer. En moeder is ook niet lui, die naait voor de menschen, en nu u beloofd hebt mijn zand te koopen, behoeven wij geen gebrek te lijden. Moeder was er eerst erg ongerust over, maar zij zal wat in haar schik zijn als zij hoort hrte goed gij voor ons zijt."

„Ik bemerk wel, dat ge allen brave menschen zijt, evenals mijn vlijtige O'Nelly," zeide mijnheer Johnston. ,,'tüoet mij waarlijk genoegen, dat ik je heb leeren kennen; groet ook uw moeder van mij en zeg haar, dat zij maar bij mij moet komen, als zij goeden raad of 't een of ander noodig heeft. Neem hier deze guinje,

Sluiten