Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

vleide, „het allerliefste tantetje" om toch ook dien leelijken, neteldoekschen zak van den lichtkroon te nemen, en sloeg eindelijk juichend de armen om den hals der oude dame.

„Eén ding moet ge me beloven, tantetje: de kinderen van den dominee moet u het ook laten zien!" Mevrouw Von Wetter mompelde iets van kinderachtigheid, maar glimlachte toch, wierp een vluchtigen blik om zich heen en duwde haar pleegdochtertje de deur uit, met de woorden: „En nu, een, twee, drie, marsch ! anders maak je me nog maar vuile voeten op den parketvloer."

Op de trap kwam oom Bernd haar met de pijp in den mond te gemoet.

„Heb ik van mijn leven," riep zijne vrouw, „wil je wel eens met je schoorsteen uit de mooie kamers blijven, oudje! De groene zij zou gauw de bleekzucht krijgen ! Rechtsomkeert, mannetje ! Als je vandaag wilt dampen, moet je maar in den tuin gaan!"

„Maar, Renaatje, wat duivel, is er nu aan de hand? Sapristi! dat is hier vandaag mottevreugd!"

„Phine, ga jij eens naar de eetkamer en zet de suiker alvast op tafel; hier is de sleutel!" Tante Renate wachtte tot het witte japonnetje om de wending van de trap verdwenen was, dan boog ze zich dicht bij het oor van haar man, die twee treden lager stond en fluisterde ernstig: „Ik doe het ter wille van het kind, Bernd! Graaf Lehrbach heeft een huwbaren zoon, en onze Phine wordt den elfden October achttien. Begrepen ?"

Oom Bernd schoof zijn soldatenmuts met een gerekt „hm, hm ! van zijn rechter naar zijn linker oor en zei weemoedig: „Is het waar, oudje ? Begint ons nestvogeltje de vleugels uit te slaan ? Wat gaat de tijd toch gauw voorbij; ik heb er niets van gemerkt, dat de kleine wildzang me over het hoofd gegroeid is. In Gods naam! Renaatje, het zal erg leeg en stil bij ons worden!" en oom Bernd zuchtte diep, sloeg zijn vrouw droevig op den schouder en strompelde de trap weer af

„Oudje," klonk het nog eens van boven.

Sluiten