Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

bal voorafging, afgeslagen had. „Het was te veel op eens, en dubbele kleeren had ze niet in orde!" had ze gezegd; maar de ritmeester had veel meer zin aan het diner dan aan het vervelende bal gehad.

„Nu, het is om Phine!" had hij eindelijk met onderwerping gezucht en was nog eens snel de hoofdstraat ingegaan om een witte das te koopen.

„Ziezoo, daar ben ik oudje," zei hij en zette een bord met broodjes en eieren op tafel en voegde er snel bij: „Vóórwe gaan, eerst een broodje eten, anders worden we maar wee! Gauw naar binnen gewerkt, Phine. Daar heb je een paar harde eieren en een broodje; ze ziet anders van nacht maar scheel van den honger!"

Josephine verzette zich met alle kracht. „Ik kan werkelijk niet, oompje?" verzekerde ze plechtig.

Tante Renate sprak echter een paar strenge woorden, en met een wanhopig gezichtje, de gehandschoende handjes ver van zich afhoudende, liet freule Von Wetter zich door oom Bernd voeren, evenals voor lange jaren, toen ze als baby op zijn knie gezeten was, en hij, het ontbijt der kleine in stukjes snijdende, die als een eskadron soldaten voor haar

deed marcheeren.

Daarna rolde het rijtuig voor het hotel, en met een bevend hart ging Josephine de haar vreemde, bonte wereld te gemoet. Dreunend viel de deur achter haar in het slot, even alsof het noodlot een muur achter het verledene wilde schuiven, alsof de gouden poort van een gelukkige jeugd zich voor eeuwig sloot achter het dartele vroolijke kind.

Sluiten