Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„Ik ben altijd ongelukkig, en kom steeds te laat," en hij neemt haar het boekje uit de hand.

Een diepe gloed verft haar allerliefst, door het leelijke kapsel en den reusachtigen krans bijna onherkenbaar gezichtje; vol blijdschap slaat ze de kinderlijke oogen op, al haar wachten, al haar leed, al haar teleurstellingen zijn vergeten.

„O neen, te laat komt u niet, graaf Lehrbach!" lacht ze. Ik heb al voortdurend naar u uitgekeken, ik kon haast het oogenblik niet afwachten, dat ik u terug zou zien. O, wat ben ik toch gelukkig, dat ik hier kan zijn!''

Günther slaat de oogen neer. „En hoe gaat het thuis? Hoe maken ze het op de pastorie?'

„O, daarvan heb ik een heelen boel te vertellen. U moet heel veel groeten van hen allen hebben. Ik heb ook wat voor u meegebracht: Liesje en Renaatje — u weet wel, de tweelingen — hebben een prachtigen boekenlegger voor u gemaakt; ik had hem eigenlijk mee willen brengen, maar was bang, dat ik hem in mijn zak zou kreukelen. Niet waar, nu blijft u bij mij? Kom gauw mee naar oom en tante!" Vragend, bijna stneekend ziet ze naar hem op en wijst met haar kleine, slecht geganteerde hand ongegeneerd naar bovengenoemden; Günther bijt zich op de lippen en beweegt eenigszins ongeduldig zijn voeten

„Freule Josephine,'' zegt hij, zich met den rug naar de zaal keerende en haar dan vriendelijk toelachend, „ge weet toch, dat ik ceremoniemeester ben en onnoemelijk veel te doen heb? Ge moet niet boos op mij zijn, als ik mij van avond niet zooveel met u bemoeien kan, als ik wel zou willen; maar de dienst... vous comprenez ... Zoo gauw ik tijd heb, hoop ik u in het hotel te komen opzoeken. Een dans wil ik evenwel graag hebben, we kunnen dan nog eens over alles praten. Het is te hopen, dat onze boekjes overeenstemmen; als ik geweten had, dat u gekomen was. had ik den cotillon voor u gereserveerd. Het is nu werkelijk een gelukkig toeval, dat ik de polka voor den cotillon open heb. Wilt u die met mij dansen?"

Sluiten