Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ren hemel, daar lag Stauffen, - stil, eenzaam en vredig, een opengeslagen boek vol heerlijke herinneringen Ach, dat ze daarginds ware! Een niet te onderdrukken heimwee greep haar ziel aan, ze sloeg de handen voor het gelaat en steunde zacht: „Neen, niet terug, niet daarheen, waar ik zoo gelukkig was- ik zou het niet kunnen dragen! Alles spreekt daar van hem en de rust daar klinkt mij vreeselijker in de ooren dan zijn spottend lachen hier!" Weer breidde ze verlangend de armen uit en snikte: „Tante Renate!" Daarna blee ze stil liegen in de fluweelen kussens en vouwde de koude bevende handen. Waarom bleef ze dan ?" Dat wist zij zelf niet, doch ze kon niet weg. Het was haar, als had ze al haar geluk begraven in een groote zwarte lijkkist, en ontbloot van alle hoop en troost het deksel dichtgeslagen. Doch scheen het niet, als had ze den langen rouwsluier tegelijkertijd vastgenageld' En die hield haar nu terug en liet haar met losva,n de sombere baar. En dan weder plooide zich de kenmerkende trek der Von Wetters tusschen haar wenkbrauwen, trotsch drukte ze de lippen op elkaar en door hare tanden heen klonk het: „lk ga niet... Zoo niet... niet alsof ik hem ontvlucht, niet alsof zijn valschheid mij het hart brak: „GanzenLize zal eerst tegenover hem staan en hem toonen, dat hij niet met alle harten spelen kan. lk blijf!"

Dus had ze aan tante Renate geschreven, dat ze met Kerstmis niet naar Stauffen kwam; het zou slechts een nieuw afscheid, ternauwernood een wederzien, zijn.

En mevrouw Von Wetter had verwonderd het hoofd geschud en bij zichzelf gedacht: „Het is verwonderlijk, welk een invloed zoon beetje harteleed op dat karakter heeft. Die eene nacht op het bal heeft het kind tot een vrouw gemaakt en haar een echte Von Wetter doen worden; haar

vader was evenzoo!"

Het was nu geheel duister in het kleine boudoir geworden, nauwelijks kon men de verschillende voorwerpen onderscheiden, slechts het knappende en knetterende vuur in den open haard wierp een hellen schijn op het tapijt. Een

Sluiten