Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

edelmoedigheid geworden, Josephine; drie uren op brood en warm bier klinkt wreed, maar naar onze beste krachten zullen we je leed lenigen! Wie van de heeren wil als ridderlijke beschermer bij onze aristocratische paardrijdster achterblijven

en haar gevangenschap deelen?"

Om het hardst verklaarden al de heeren zich bereid, ofschoon Phine lachend verzekerde, dat ze geen gezelschap of

bescherming noodig had.

Detleff haalde de schouders op. „Een strijd om Josephine . sprak hij lachend. „Ge begrijpt, zusje, dat hier van vrijwillig terug treden geen sprake kan zijn!"

„Nu, gooi er dan om," antwoordde Sylvia droog. „Uitmuntend, dat is een idee!" stemde d'Ouchy toe. „Er zijn hier in huis zeker wel dobbelsteenen of kaarten ?

Werkelijk had de oude grootvader, de opperhoutvester, kaarten in zijn bezit, die spoedig aan Sylvia gebracht werden. Daarop vouwde deze de niet zeer nieuwe kaarten als een

waaier en trad naar de heeren toe.

Wie de hoogste kaart trekt, zal de eer hebben bij freule Von Wetter te blijven," sprak ze plechtig en liet Detleff

trekken.

„Hoera, - klaverenheer!"

Graaf Lehrbach lachte zenuwachtig: „Bravo, Uwe Hoogheid, — die trek was een koningszoon waardig!

D'Ouchy trok schoppenboer en zeide: „Brr!"

„Daar leg je het mee af!" meesmuilde Hattenheim, en trad nader. Rustig nam hij een kaart en trok klaverenaas!

„Bravo, de dikke heeft het groote lot getrokken ?" riep Günther luid, doch zijne lippen beefden en hij werd even wit als de zakdoek, waarmee hij zenuwachtig speelde. „Dat is infaam!" mompelde Detleff.

„Wilt ge ook trekken of gunt ge Hattenheim den palm der overwinning?" vroeg Sylvia, inet een zonderlingen blik op Lehrbach. Ze scheen zijn ontkennend antwoord zeker te verwachten ; zij had ten minste de hand, waarin ze de kaarten hield, reeds laten zinken.

Sluiten