Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Hij wilde haar omarmen, maar Actea verdedigde haar en Lvgia verzette zich met de rest van hare krachten, want zij voelde, dat zij te gronde moest gaan.

Te vergeefs smeekte zij hem medelijden met haar te hebben. Zijn naar wijn riekende adem kwam steeds dichter bij haar. Hij was niet meer de vroegere, goedige Vinicius, dien zij haast beminde, 't was een dronken, duivelsche sater, die haar afkeer inboezemde. Te vergeefs boog zij haar hoofd achterover om aan zijne kussen te ontkomen. Hij stond op, omvatte haar met beide armen en begon haar mond te kussen.

Maar op 't zelfde oogenblik rukte eene reuzenkracht zijne armen van haar hals en stiet hem terzijde. Wat was er geschied ? Vinicius wreef zich de oogen uit en zag de reuzengestalte van Ursus, den Lygiër, dien hij uit Aulus' huis kende, voor zich staan.

Ursus b'oef kalm, maar keek Vinicius zoo doordringend aan, dat dezeii het bloed in de aderen stolte; toen nam de reus zijne koningin aan den arm en stapte rustig de eetzaal uit.

Actea volgde terstond.

Een oogenblik stond Vinicius als versteend; toen sprong hij op en liep weenend op den uitgang toe:

„Lygia, Lygia!"

Maar woede, wijn en verbazing beroofden hem van zijne kracht. Hij wankelde eens, tweemaal, pakte den arm eener bacchante en vroeg wat er gebeurd was.

Deze greep een vollen beker en reikte hem dien glimlachend toe:

„Drink!" zeide zij.

Vinicius dronk en viel op den grond neer. 't Grootste ge tal der gasten lag reeds onder de tafel, anderen liepen wankelend door de eetzaal, terwijl weer anderen op kussens lagen en snorkten en de rest lag te braken.

Uit het gouden net vielen steeds rozen neer op de diep beschonken consuls en senatoren, patriciërs, philosofen en dichters, danseressen en burgeressen, op dit alles beheerschende. maar tot in merg en been verdorven, ontaarde en daarom ondergaande gezelschap.

Buiten was de dageraad reeds aangebroken.

Sluiten