Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

hom. 't Was bekend, dat Nero dikwijls voor zijn genoegen een overval gelastte, zoowel in de Subara,*) ais in andere deelen der stad. 'tWas bekend, dat hij soms zelf daaraan meedeed en zwarte en blauwe plekken opliep; maar wie het ooit waagde zich te verdedigen, werd ter dood veroordeeld, zelfs a! was hij senator. Het wachthuis desr stad was niet ver van daar, maar gedurende zulke overvallen scheen de wacht doof en blind te zijn.

Intusschen werd de verwarring rond den draagstoel grooter. De menschen sloegen elkaar, vochten, wierpen elkaar op den grond en trapten elkaar met de voeten.

Daar schoot 't Atacinus plotseling door 't hoofd, vóór alles Lygia en zichzelf te redden en de anderen aan hun lot over te laten. Hij trok Lygia daarom uit den draagstoel, nam haar op den arm en trachtte in de duisternis te ontkomen.

Maar Lygia riep: „Ursus, Ursus!" Zij was in 't wit gekleed en daardoor licht te herkennen. Daarom sloeg Atacinus met ziju vrijgcbleven arm haastig zijn eigen mantel om haar heen, toen eene stevige hand hem in den nek greep en er eene verpletterende massa op zijn hoofd scheen te vallen.

Hij slond een oogenblik stil, woedend als een os, die voor het altaar van Jupiter door eene bijl in den rug wordt getroffen. De slaven lagen grootendeels op den grond of hadden, begunstigd door de duisternis, de vlucht genomen. Op den weg lag alleen nog de gebroken draagstoel.

Ursus bracht Lygia naar de Subura. Zijne metgezellen volgden hem en verstrooiden zich langzamerhand over den weg.

^ De slaven verzamelden zich voor het huis van Vinicius en melden raad. Zij durfden niet binnen gaan. Na kort overleg kr-( rden zij naar de strijdplaats terug, waar zij eenige lijken vonden, waaronder Atacinus. Hij leefde nog; maar na eene laatste stuiptrekking was hij dood.

Zij namen hem op, gingen weer naar huis terug en "beraadslaagden ter. tweeden male voor de poort; zij moesten hun meester wel van het voorgevallene onderrichten.

«Laat Gulo t gaan vertellen," fluisterden eenige stemmen. ,,het bloed stroomt van zijn gezicht en onze heer heeft hem liet. en za' beter naar hem luisteren dan naar ons."

Gulo, een Germaan, een oude slaaf, die Vinicius van zijne moeder, Petronius' zuster, geërfd had, sprak:

*•) Volksbuurt in Rome

Sluiten