Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„Geef den brief hier, heer, geef den brief hier!" Daarop snelde hij zoo gauw hij kon de deur uit; maar zijne krachten begaven hem. want hij dacht niet anders of Ursus zou hem achterna ijlen en dooden. En in 't volgende oogenblik stond Ursus ook voor hem.

Chilon viel met zijn gezicht ter aarde en begon te steunen: „Urban, in Christus' naam —"

Maar Urban zeide: „Vrees niets! De apostel beval mij u buiten de poort te brengen, omdat ge hier licht kunt verdwalen, en u naar huis te geleiden, ingeval u de krachten begaven.^ „Wat zegt ge daar ?" vroeg Chilon, „wilt ge mij niet dooden ?" ,',Neen; en als ik u te ruw heb aangegrepen en pijn heb gedaan, vergeef het mij danl"

„Help mij opstaan!" zei de Griek. „Wilt ge mij werkelijk niet dooden? Breng mij op de straat, dan kan ik verder mijn weg alleen wel vinden." __

Toen Ursus aan zijn wensch voldaan had, nam hij afscheid met de woorden:

„Vred? zij met u!M „En met u! En met u!"

Nadat Ursus was heengegaan haalde Chilon eemge keeren diep adem. Hij bevoelde zich van alle kanten, als wilde hij zich overtuigen, dat hij nog leefde.

„Maar waarom doodden zij mij niet?"

En ondanks zijn gesprek met Euricius over de Christelijke leer, ondanks zijn onderhoud met Urban, ondanks alles wat hij in 't Üstrianum gehoord had, vond hij op deze vraag geen bevredigend antwoord.

HOOFDSTUK XXIII.

Ook Vinicius kon 't zich niet verklaren; zijne verbazing was niet geringer. Dat deze menschen hem zoo behandelden, in plaats van zich te wreken zijne wonden verbonden, schreef hij wol gedeeltelijk aan hun godsdienst, hoofdzakelijk echter aan Lygia en een weinig aan zijne hooge waardigheid toe. Maar hun gedrag tegenover Chilon was hem eenvoudig onbegrijpelijk. Waarom doodden zij hem niet? Zij hadden 't ongestraft kunnen doen en hem in den Tiber kunnen werpen. In dezen tijd, waarin zooveel nachtelijke, dikwijls door

Sluiten