Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

den eenen kant der straat naar den anderen waggelend.

Intusschen had de brand een ander aanzien gekregen. Wat tot heden slechts gesmeuld had stond nu in volle vlam. Gelukkig was de wind bedaard, zoodat de rook recht naar boven steeg. Nu kon hij den weg ook beter vinden en toen zijne laatste krachten hem dreigden te begeven, zag hij het einde der straat vóór zich. Dit gaf hem nieuwen moed. Kon hij nu maar den grooten weg bereiken, dan was hij gered, aJ zakte hij daarna ook in elkaar. Zijne laatste krachten inspannend. ijlde hij verder en toen hij den hoek der straat omsloeg hoorde hij stemmen in zijne nabijheid. Hij sloeg de richting daarvan in en riep luidkeels om hulp; in elk geval was er nu redding mogelijk. Maar nu was ook zijn laatste kracht uitgeput; 't werd hem nog rooder voor de oogen, zijn adem stokte, zijne voeten weigerden den dienst en hij viel uitgeput neer.

Tot zijn geluk had men hem gehoord en gezien. Twee mannen, waarvan de eene een waterzak droeg, snelden op hem toe. Begeerig strekte Vinicius zijne armen naar den zak uit en dronk dien half leeg.

„Hebt dank," zei hij. „Helpt mij opstaan, loopen kan ik wel alleen."

Zij goten hem water over het hoofd, hieven hem op en droegen den geredde naar de overigen toe, die hem vol belangstelling omringden en vroegen hoe hij zich nu gevoelde. Dit medegevoel wekie zijn verbazing.

„Wie zijt gij?" vroeg Vinicius.

„Wij breken de huizen af, om op die wijze het vuur te kunnen stuiten," antwoordde een def arbeiders.

„Hebt dank voor uwe hulp."

„Wij mogen die niemand weigeren," riepen verscheidene stemmen.

Vinicius, die sedert den vroegen morgen niets dan ruwe. plunderende en roovende benden gezien had, keek nu met grootere opmerkzaamheid de hem omringende gezichten aan.

„Moge Christus u beloonen," sprak hij geroerd.

„Zijn naam zij geprezen!" antwoordde een koor van stemmen.

,'ls Linus ?" vroeg hij. Maar hij ging niet verder, eene

flauwte overviel hem. Toen hij weer bijkwam, bevond hij zich in een tuin, omringd van mannen en vrouwen.

„Waar is Linus?" waren zijne eerste woorden.

Vinicius kreeg niet dadelijk antwoord; eindelijk sprak eene

Sluiten