Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

man lossprong, die een kind in de armen droeg. Het kind klemde zich schreiend aan den hals van den vader vast en dit geschrei hitste den leeuw aan. Hij stootte een kort gebrul uit en doodde het kind met één slag van zijn poot. Daarop pakte hij met zijn muil 't hoofd van den vader beet en verpletterde dat tusschen zijne kaken.

Nu begonnen ook de overige leeuwen hun werk; 't werd een vreeselijk tooneel. Hoofden verdwenen tot aan den hals in de geopende muilen; borsten werden met één klauwslag opengescheurd; ingewanden rolden in het zand, beenderen kraakten tusschen de tanden van de wilde beesten. Sommige dieren sleepten hun slachtoffers naar een verwijderden hoek van de arena, om ze daar ongestoord te verslinden; andere stonden op hunne achterpooten en vochten met elkaar, terwijl hun woedend gebrul door den circus klonk. Men stond van de zitplaatsen op en drong naar voren om beter te kunnen zien. Het gedrang werd steeds grooter en een oogenblik scheen het, alsof de opgewonden toeschouwers zeiven de arena wilden binnenstormen, om het bloedige werk met de leeuwen te deelen. Het tumult was onbeschrijfelijk.

De Keizer, den smaragd voor de oogen gedrukt, ging geheel in het schouwspel op. Het gelaat van Petronius gaf afkeer en walging te kennen.

Chilon, die in onmacht was gevallen, had men weggedragen. Nog steeds bleef de stroom van nieuwe slachtoffers aanhouden.

Hoog boven in het amphitheater stond de apostel Petrus. Niemand lette op hem. Hij stond daar met uitgestrekte handen en zegende zijne kinderen, waarvan velen blijmoedig tot hem opkeken. Maar zijn hart bloedde bij het zien van hunne martelingen en hij zond een vurig gebed ten hemel.

„O, Heer, Uw wil geschiede! Mijne lammeren sterven tot Ijw eer. Mij hebt Gij ze toevertrouwd, thans geef ik ze U terug. Sta hen bij, o, Heer, heel hunne wonden, verzacht hunne pijnen en geef hun eene zaligheid, die grooter is dan de martelingen, die zij hier ondergaan."

De Keizer, die blijkbaar alles wilde overtreffen wat Rome ooit gezien had, fluisterde den prefect eenige woorden in. Deze verliet het podium en verdween achter eene deur. Zelfs het volk was verrast, toen na cenige oogenblikken het traliewerk opnieuw geopend werd en dieren van allerlei soort, tijgers, panters, beren, wolven, hyena's en jakhalzen binnenstormden. De arena wemelde er van; het geheel vormde één bloedige orgie.

Sluiten