Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Doffer en doffer, heescher en heescher, steunend werden de geluiden, die de stier uitstiet en die zich vermengden met den piependen adem van den reus. De kop van het dier draaide zich meer en meer; de lange, schuimende tong hing uit zijn bek. Nog een oogenblik verliep er en de naastbij zittende toeschouwers hoorden iets als 't kraken van been deren; toen rolde de os met gebroken nek in het zand.

In een oogwenk maakte de Lygiër de strikken los en greep de jonkvrouw. Hij hijgde naar adem, zijn gelaat was doodsbleek, zijne haren kleefden van zweet aan elkaar. Zijn schou ders en armen waren een dampbad gelijk. In 't eerste oogenblik bleef hij half bewusteloos staan, maar toen hief hij de oogen naar de menige op.

Het amphitheater was in eene stormachtige zee veranderd. De muren dreunden onder het handgeklap der duizenden. Nog nooit had eene voorstelling zulk eene opgewondenheid veroorzaakt.

Zij, die het hoogst zaten, drongen naar beneden en vulden de zijgangen om den sterken man beter te kunnen zien. Een dringend geroep om genade, dat voortdurend aangroeide, werd er van alle kanten vernomen. De reus was voor deze be wonderaars van lichamelijke kracht de eerste persoon van Rome geworden.

Ursus zag. dat de menigte hem zijne vrijheid weergegeven wilde zien; hij dacht echter niet aan zichzelf alleen. Voor Nero's podium Iredend, hief hij de jonkvrouw in zijne armen lot hem op en vestigde zijne smeekende oogen op hem, alsof iij wilde zeggen:

„Heb erbarmen met haar! Red de jonkvrouw! ik deed 't oin harentwil!"

De toeschouwers begrepen hem volkomen. De bewustelooze jonkvrouw, een kind vergeleken bij den Lygiër, wekte het medelijden op van senatoren en ridders. Hare slanke gestalte, wit als albast, het vreeselijke gevaar, waaraan de reus haar ontrukt had, eindelijk hare schoonheid, ontroerden aller harten. 'tWas alsof een vader voor zijn kind smeekte. Nu kwam het medelijden tot een plotselinge uitbarsting. Zij hadden bloed, dood en martelingen tot walgens toe gezien. Hier en daar hoorde men een onderdrukt gesnik.

Intusschen ging Ursus, zijne koningin in de armen dra gend, de arena rond, met oogen en bewegingen om haar leven smeekend. Vinicius sprong over de balustrade, ijlde >p Lygia toe en bedekte hare naaktheid met zijne toga. Daar

Sluiten