Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Weltevreden over haar dagwerk liet de Siboga dien avond het anker vallen voor Laboean Amok op Bali's oostkust, 't Was reeds donker en iedereen vermoeid; helaas was de vreugde van den leider der Expeditie over deze uitkomst door het noodlot gedeeltelijk vergald. Op den harden, kaalgeveegden bodem en door de woeste stroomen was de loodlijn gebroken en daardoor was een lood van den vorst van Monaco, een kostbare waterschepper van Sigsbee en een kantelthermometer een prooi der golven geworden. „Als wij nog dikwijls zulke verliezen hebben, kan de Expeditie wel naar huis gaan", klonk het mismoedig uit zijn mond.

Bij het ontwaken den volgenden morgen scheen de zon, en de oostkust van Bali vertoonde zich in al hare woestheid. Wat vreeselijke natuurkrachten moeten hier hebben huisgehouden; het lijkt wel, alsof een reuzengeslacht met deze bergen gekegeld heeft, zoo door elkander gegooid liggen zij daar. De piek van Bali zond zware rookwolken ten hemel en verhoogde den indruk van het geheel.

Wij stoomden weg om het werk, gisteren begonnen, af te maken. Op den onderzeeschen landrug tusschen Bali en Lombok liggen het kleine eiland Penida en de twee kleinere eilanden Tjeningan en Lembongan. De zee tusschen deze beide eilanden is doorwaadbaar; de nauwe straat, die Tjeningan van Penida scheidt en die aan haar ingang een diepte van 191 M. heeft, noemde Weber Tydemanstraat.— Van het overige van dien dag en nacht weet ik niet veel af; de zee was erg onstuimig en baboe en ik zochten in den slaap vergetelheid voor zeeziekte.

Hoewel de Siboga in de eerste plaats belast was met het onderzoek der diepe bekkens van den Archipel, was het ook hare roeping om riffen en zeeën van mindere diepte te onderzoeken, waar Weber — vooral na een gesprek met Sir John MURRAY, een der leden der Challenger-Expeditie, die hare resultaten wereldkundig maakte — een rijkeren buit verwachtte, dan over het algemeen genomen in de diepe

Sluiten