Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

land en vermaakten zich op meer dergelijke kinderlijke wijze. Voor de Europeesche stokers was het genoegen om te passagieren maar gering; ten minste op die plaatsen waar zij geen kornuiten aantroffen; het grootste genot van Loyer was visschen en lezen; al de romans, die wij aan boord hadden, werden door hem verslonden. gorter knutselde intusschen kleine stoommachines in elkander, die hij een enkele maal voor ons liet werken; de genoegens van een derde waren lager bij den grond; hij was de eenigste die „èm nog wel eens lustte ' als hij aan land ging. Kwam hij daarna op voet van oorlog met de verticale lijn aan boord, dan moest boldingh hem hierover den volgenden dag onderhouden en kwamen de waterlanders, iets waarover boldingh veel driftiger werd dan over het eigenlijke misdrijf: „Met zoo'n vent, die staat te grienen, is niets te beginnen", betoogde hij mij, rdie verbetert nooit".

Zoo dikwijls is het Weuer en mij opgevallen, dat de zeelieden zoo heel anders in hun doen en laten zijn, dan wij ze ons gedaciit hadden. Ik had vroeger zoo'n vage voorstelling, dat elke Janmaat een zieltje zonder zorg was. Hoe zuinig daarentegen, hoe vlijtig waren die drie Europeesche stokers; hoe onvermoeid om in hun vrijen tijd voor ons te wasschen, om er een paar centen bij te verdienen voor moeder de vrouw t'huis. Hoe geregeld werd al het zuur verdiende geld naar huis gezonden; zuur verdiend noem ik het, omdat het leven van den zeeman, het moge, vooral in jonge jaren, al zijn heel aardige zijde hebben, ook ontberingen kent, die een landrot niet beseft. Ik denk in de eerste plaats aan die lange scheiding van vrouw en kind. Men kon LoYER geen grooter genoegen doen, dan eens naar het portret van zijn vrouw en kinderen te vragen, dat hij onder zijn baadje verborgen had. Hij haalde er dat dan onder uit en zei: „Da's men vrouw en de vaif kinders". — Maar LOYER, ik zie er maar vier. „Ja, maar 't vaifde was op 't kommen, toen dat portret gemaakt werd; da's er nou toch ook bij".

Sluiten