Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

gelet en vooral die soorten verzameld, welke op bladeren voorkomen. Dr. LEVIER te Florence, wien ik deze verzameling toegezonden heb, schreef mij, dat de mossen van Ceram zulke uiterst interessante vormen waren, en vroeg of men niet meer op Ceram kon laten verzamelen. Het eiland schijnt veel te beloven voor iemand, die het botanisch zou willen onderzoeken.

Weber en versluys deden 's middags nog een rif-excursie en beklommen voor geologisch onderzoek een heuvel in de nabijheid van het rif gelegen. Weinige dagen later bij de aardbeving, die Ceram teisterde, stortte door de vloedgolf, die het gevolg van de aardbeving was, een gedeelte van ditzelfde rif, waarop toen juist dertien menschen aan het visschen waren, in de diepte weg en verdween met allen, die er zich op bevonden. Wij hebben nooit een aard- of zeebeving bijgewoond; maar de verhalen alleen doen het overweldigende van zulk een ramp begrijpen en de onmacht van den mensch beseften tegenover de krachten, die dan in werking treden.

Terwijl wij hier stil lagen, brachten visschers van het eiland Bonoa, dat tusschen Ceram en Kelang ligt, voor onze matrozen veel goede en goedkoope visch, zoowel levend als gedroogd, waaraan onze Javanen zich te goed deden.

Op verzoek van Prof. wlchmann zouden wij Kelang aandoen, alwaar volgens het verhaal van r.umphius in zijn „Amboinsche Rariteitskamer", „steenen vingers voor t eenemaal gefatsoeneert gelijk een Belemnites" moesten voorkomen. Ons bezoek aan Kelang bleef echter wat de fossielen betreft zonder vrucht, daar wij de juiste vindplaats van rumphius niet konden vinden, en gebrek aan kolen ons verbood hier langer te blijven, maar noodzaakte naar Ambon te gaan om den voorraad aan te vullen.

De tocht ter wille van die versteeningen door het hooge oerbosch ondernomen, behoort tot een der schoonste boschwandelingen, die wij in de Tropen gemaakt hebben. Het bosch bestond geheel uit hoog opgaande boomen en was geheel vrij van laaghout, dat men anders als regel in de

Sluiten