Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

De wandeling terug naar Feer, waar de vlet ons wachtte, was een waar genot door het heerlijke schouwspel, dat de ondergaande zon ons bood. Geen ander eiland scheidde ons van de zon; als een hooge koepel welfde de hemel zich van den horizon naar ons toe. De reusachtige ruimte, die niet zooals bij ons in Holland waasachtig was, maar helder en klaar, maakte een indruk van onmetelijkheid, en de gloed der kleuren was schitterend; van het donkerste karmijn-rood met goud gemengd aan den horizon, tot het zachte, teere rose en groen boven ons, waren alle kleurschakeeringen aanwezig en de stralen der laagstaande zon kleurden het strand en de stammen der palmen en gaven den gezichten der medeloopende kinderen een goudlederen gloed. Vele mooie avonden hebben wij gedurende onze reis gehad, maar geen enkelen zonsondergang zoo indrukwekkend als deze.

De Kei-eilanden liggen nog op het onderzeesche hoogplateau, dat de Banda Zee in het Oosten omgeeft en dat naar de Arafoera Zee steil afvalt. De Siboga gebruikte den volgenden dag, toen zij de Arafoera Zee instoomde, om in de nabijheid van Hoog-Kei te looden, met het plan om daarna op dezelfde plaats te korren; maar daar, waar wij volgens de zeekaarten een diepte van ± iooo M. hadden verwacht, wees het lood 2600 M. aan. Om ons spil te sparen, besloten wij een minder diep kor-terrein op te zoeken en stoomden één uur terug in de richting naar land, doch hier vonden wij tot onze verbazing een diepte van 3026 M. Er schoot 11a deze onverwachte, belangrijke uitkomsten niet anders over, dan naar onze ankerplaats terug te keeren en daar te korren, maar groote steenen vernielden het diepzee-net.

Den volgenden dag waren wij niet gelukkiger; op weg naar de Aroe-eilanden vonden wij in de nabijheid van de zuidpunt van Kei eerst 900 en vervolgens 600 M. De grond, die met het dieplood bovenkwam, was modderachtig en daarom werd een korring gewaagd, maar ook ditmaal kwam het net totaal verscheurd boven. Zulke herhaalde tegenvallers

Sluiten