Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

belangrijkheid overtreffen. Daar wij springtij hadden, viel het water sterk en kwamen ook dieper gelegen deelen van het rif bloot, die bij ons eerste bezoek bedekt gebleven waren. Zoover men zien kon was de bodem bedekt met roode, fijn vertakte en zóó dicht in elkander gestrengelde Lithothamnion-knollen, dat zij tot compacte, vuistgroote knollen saamgegroeid waren. In alle grootten lagen zij op het strand, men kon geen voet verzetten zonder op hen te trappen en dan kraakten zij als fijn porcelein. Aan verschillende voorwaarden moet het terrein voldoen, zullen de Lithothamniën tot volle ontwikkeling komen, daarbij behoort ook, zooals WEBER reeds elders uiteenzette, dat zij door den stroom zachtjes heen en weder worden bewogen. Door deze verandering van plaats kan het licht van alle zijden tot de knollen doordringen, en licht hebben zij noodig om hare roode kleur te behouden, die voor hen een eerste levensvoorwaarde is. Zoodra een knol stil blijft liggen, sterft zij aan hare onderzijde af, die dan ook geheel wit wordt. De Lithothamnion-bank bij Haingsisi is, voor zoover ik weet, de eenigste levende Lithothamnion-bank waarvan bekend is, dat zij bij springtij droog loopt. Van het gelukkig toeval, dat ons vergunde dit waar te nemen, werd dan ook dadelijk gebruik gemaakt om haar te photographeeren.

In den namiddag, toen de kolen geladen waren, verlieten wij Haingsisi. Koepang met zijn lage, witte huizen zagen wij in de verte liggen en wuifden het een laatst vaarwel toe; steeds was thans de steven der Siboga naar het westen gekeerd en van het verre oosten namen wij langzamerhand afscheid. Dien nacht ploegde de Siboga nogmaals de Savoe Zee door; de beide kampongs Lamararap op Lomblem en Lamakera op Solor, de twee eenigste kampongs in den Archipel waar de walvischvangst uitgeoefend wordt, waren ons doel en WEBER hoopte, evenals bij onze uitreis, daar walvischschedels te kunnen verzamelen. Onderweg werd om twaalf uur 's nachts de horizontaal-cylinder voor de laatste

Sluiten