Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

maal uitgezet en ter wille van het versleten net de vaar tot zes mijl verminderd en gelukkig bleek den volgenden morgen, dat het net een goede vangst bevatte.

Het panorama bij Lomblem trof ons in het vroege morgenuur als bijzonder grootsch; drie kegelvormige vulkanen lagen voor ons: de Lamararap op Lomblem, de Woka op Adonare, de Lobitobi op Flores, die hunne trotsche kruinen hoog ten hemel verheffen. Bij den vulkaan Lamararap moest ook de kampong van dien naam liggen, doch de juiste plaats waren wij niet te weten gekomen; daarom liep Commandant TYDEMAN tot dicht onder den wal van Lomblem en stoomde langs de kust tot een groote kampong in zicht kwam, die dan ook Lamararap bleek te zijn. Met de stoomfluit werd nu het kamponghoofd geroepen, dat dadelijk aan boord kwam en op de vraag van WEBER naar walvischkoppen verzekerde, dat er velen in de kampong te vinden waren. Terstond besloot WEBER aan wal te gaan; de jol werd gestreken en WEBER, VERSLUYS, BOLDINGH en BANDONG vertrokken naar land, doch de branding was zoo hevig, dat zij in lichte sampans over moesten stappen, die door de golven opgenomen en naar land werden gedragen, alwaar men er dan vlug uit moest stappen. De heeren kwamen behouden aan, en van boord af zagen wij hen tusschen de huizen verdwijnen, omgeven door een grooten hoop volks, dat genoot van dit onverwachte bezoek.

Lamararap is gebouwd op een smalle strook gronds gelegen tusschen de zee en den steilen wand van den vulkaan; de inwoners moesten door middel van dijkjes en steenen trappen in hun huizen klimmen, zoo steil ligt de kampong tegen den berg aan. De bevolking deed aan Timoreezen denken; de mannen droegen een sarong of tjidako, de vrouwen slechts een korte sarong, die van de heupen tot aan de knieën reikte. Allen waren luidruchtig, vuil, opgewekt en goed lachs! Gelukkig was de reis niet vergeefs. WEBER bracht acht walvisch-schedels, eenige haaien ge-

Sluiten