Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

elkander gebrachte schedels, namen wij zonder eenig hartzeer voor goed afscheid van Lamakera.

In straat Adonare werd gelood, en hoewel het lood een steenachtigen bodem aantoonde, toch besloten een korring te wagen, maar daar de kans om het net te verliezen groot was, werd de diepzee-dreg gebruikt, die desnoods het best gemist kon worden, daar daarvan nog verscheidene dregzakken aan boord waren. Het duurde dan ook niet lang of de dreg zat vast; de dynamometer wees 1500 kilo aan, maar het ware bedrag der trekking was niet te schatten, daar bij eiken sterken ruk de kabel slipte. Toen de dreg boven kwam, was het geheele ijzeren geraamte gebroken, maar de dregzak bevatte mooie dieren. Om één uur werd in straat Lobitobi andermaal gedregd op een zandigen modderbodem en vele soorten garnalen, visschen enz., buit gemaakt. Ook vonden wij hier weder Lithothamniën in het net.

Het landschap, dat ons het vorig jaar zoo had geboeid, wekte ook thans weder onze bewondering op, niettegenstaande de toppen van den Lobitobi en den Ilimandiri in de wolken staken. In straat Flores aangekomen bogen wij naar het Zuiden, om langs de zuidkust van Flores straat Sapeh te bereiken, Het verheugde mij ten zeerste, dat deze route gekozen was. In 1888 hadden Weber en ik in gezelschap van Prof. wlchmann geruimen tijd aan de zuidkust van I"lores te Sikka vertoefd; hadden van daar met een inlandsche prauw een tocht naar Endeh ondernomen en waren vervolgens met een andere prauw van Endeh naar Bombang in het Rokka-gebied gegaan. Het verblijf te Sikka en de verdere tochten staan met gulden letters in mijn herinnering gegrift, en ik was recht verheugd de streken weder te zien, waar wij zooveel ondervonden en genoten hadden en de vriendschap verwierven van den intusschen overleden pastoor Le cocq d'Armandville, den welbekenden missionaris van Sikka. Indien het mogelijk ware, zoo was mij beloofd, zou de Siboga voor Sikka op en neer hou-

Sluiten