Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

't Was nog niet geheel en al licht, toen mijnheer Van Gent onze knapen kwam wekken. En, ofschoon zij zich nog gaarne eens hadden omgekeerd en Jacob wel een weinig bromde, toen Ben hem een paar fiksche stompen gaf om hem geheel en al wakker te maken, waren zij toch spoedig uit hun bed en deed het hun veel genoegen, dat de kachels op hun logeerkamers reeds ferm snorden en zij zich op geen koude vertrekken behoefden aan te kleeden.

„Wel, hoe hebt jelui geslapen?" vroeg mevrouw Va» Gent, die hen reeds aan de ontbijttafel zat te wachten, toen zij, al heel spoedig nadat ze geroepen waren, beneden kwamen.

„O, uitmuntend," antwoordde Frits. „Alsof we thuis waren."

„En heeft Jacob u niet bloot gewoeld, Ben?"

„Neen, hij heeft gedragen zich fashionably," antwoordde Benjamin.

„En jij bent van geen ijsberg van duizend voet gevallen, Peter?"

„Ik heb veel te warm gelegen, Marie, om van ijsbergen te droomen," antwoordde de aangesprokene.

Onder vroolijke gesprekken ging het ontbijt voort. Toen men geëindigd had, keek mijnheer Van Gent op zijn horloge.

„'t Wordt onze tijd," zeide hij. „Komt, jongens, maakt je klaar! Het rijtuig zal wel dadelijk voorkomen en we moeten zorgen, dat de paarden geen koude voeten krijgen; anders mochten ze wel elk vier stoven onder hun pooten hebben."

Er behoefde geen tweede sein te worden gegeven. Als een troep wilde ganzen stormden de jongens naar hun kamers en kwamen kort daarop gekleed en gereed binnen, waar zij ook mijnheer en mevrouw Van Gent in de kleeren vonden.

't Was clan ook hoog tijd: want op hetzelfde oogenblik kwam er een heerlijke barouchette voor, waarvan de glazen

Sluiten