Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

gij u volkomen bewust hoe het u wezen zal, als naast de verwende „twee eenigen" opeens een derde komt staan met gelijke rechten? Als die knaap uit het pakhuis plotseling mee geteld wordt onder hen, die van den wand op u nederzien en waar gij zoo trots op zijt.... Heden hebt gij, ter wille der nagedachtenis van uw vader met alle kracht naar licht uitgezien en gezocht..."

Zeker, maar ook ter wille van mijn kleinen broeder. Hij is mij duizend malen welkom en ik zal hem ontvangen met open armen ! Ik vind dat daardoor aan mijn leven een nieuwe roeping wordt gegeven. Voor hem dien ik nu te denken en te zorgen, hem zal ik bewaken als een kostbaar kleinood, dat mijn vader mij na heeft gelaten. Dat alles zal mij het leven dagelijks meer in zijn hooge

waarde doen kennen."

„Is dan anders dat leven zoo waardeloos in uw oog, Orete t

Met een somberen blik zag zij hem aan.

„Niet zoozeer waardeloos ! Men is dan alleen te beklagen, als men met zijn lot niet tevreden is," antwoordde zij kortaf.

„Nu, dan geve God, dat het zwakke voetstuk nooit onder uwe voeten breekt!" Een vluchtige glimlach speelde om zijn lippen, maar zij zag dat niet wijl zij naar buiten staarde. „Maar ik wil u niets onaangenaams zeggen. Wij hebben daartoe vandaag te veel eendrachtig samengewerkt. Wie weet wat ons „morgen brengt. Daarom geef mij een hand, een vriendenhand!

Hij stak haar de hand toe en zij lei de hare daarin, zonder dat zelfs de toppen van de vingers zich bewogen tot een lichten druk.

„Hoe koud, hoe beleedigend koud !.... Nu, een oude oom moet ook een onvriendelijkheid kunnen verdragen, daarvoor is hij in jaren en in wijsheid vooruit,'* sprak hij met een goed humeur en

liet haar hand los.

Toen sloot hij het kastje van de schrijftafel en nam de sleutel er uit.

„Ik zal dezer dagen nog wel eens om den sleutel van de kamer vragen zei hij, want ik ben overtuigd, dat er nog wel het een o ander in die schrijftafel is, dat ons de regeling der zaken gemakkelijker maken kan. Blijf hier nu maar niet langer Grete, ik heb het al ondervonden, dat gij hier koud wordt tot in uw binnenste toe.

Onmiddellijk ging hij weg, maar Grete nog niet. Zij bleef voor het raam staan en zag naar de plaats. Koud was zij niet. Integendee het deed haar goed, dat hare gloeiende slapen werden afgekoeld.

Beneden bij de bron stond Barbe, om een emmer water te halen. De oude meid wist nog niet, dat de rol van de vrouw met de karbonkelsteenen voor goed uit was gespeeld, voor goed, want het raadsel van Lamprechts huis was opgelost.

Sluiten