Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

GOED EN KWAAD.

gemaakt. Wij hebben de tien geboden leeren beschouwen als zeer navolgenswaardige leefregels en wèl ons, zoo wij het eenige gebod van den Grooten Meester: „Hebt God lief boven alles en uwen naaste als uzelven," metterdaad tot het onze hebben gemaakt. Maar zoo wij de algemeen gangbare lezingen van goed en kwaad hebben overgenomen, dan dienen zij ons tot bouwstoffen voor het optrekken van onze idealen, en vinden wij ze dus daarin terug. Wij moeten het algemeene omwerken tot iets persoonlijks, het in ons opnemen en er één mee worden, wil het van eenigen invloed zijn op onze levensbeschouwing.

Een handeling, welke door den bedrijver als goed beoordeeld wordt, behoeft dat niet te zijn naar algemeen begrip. Een man die, om zijn kinderen voor materieele zorgen te behoeden, vermeerdering van bezit tot levensdoel gekozen heeft, en het met de eerlijkheid zoo nauw niet neemt, kan niettemin zijn gemoedsvrede ten volle bewaren. Een vrouw, die om haar kinderen voor de verleidingen der wereld te behoeden, ze dwingt in een klooster te gaan, oordeelt met deze inbreuk op de persoonsvrijheid goed gedaan te hebben.

Sluiten