Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

SPIRITISTISCH GODSBEGRIP.

kennis te dragen van zijn omgeving en zelfbewust daarop te reageeren. De menschen zeggen, dat het diertje zoo handelt uit instinct en een naam er voor gevonden hebbende, zijn zij bevredigd. Maar vindt niet elk mensch diezelfde aandoeningen terug in zichzelven? Is er niet een onmiskenbare verwantschap tuschen al wat leeft? Wekt niet dit onaanzienlijk levend pluisje een gevoel van aanbiddende bewondering, even groot en machtig, als het aanschouwen van het sterbezaaide uitspansel ?

Elk werk getuigt van zijn Maker. Hij openbaart zich in het kleine zoo goed als in het groote. Wat zullen wij dan het kleine klein noemen of het groote groot? Zoo Hij kon scheppen wat groot is in onze oogen, openbaart zijn grootheid zich ook in wat wij klein noemen. Het moet aan óns liggen, zoo wij dat niet opmerken. Onze blik reikt niet ver genoeg; onze vermogens zijn te beperkt ; ons bewustzijn is nog maar juist ontwaakt. Niet meer dan een schemerschijn vangen wij op van het goddelijk mysterie om ons heen, dat, ons vervullend met ontzag, ons niettemin onze verwantschap daarmede zoo innig doet gevoelen.

Sluiten