Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„Alleen omdat hij op Foxbank woont; en zooals ik straks al gezegd heb, is dat een zeer dwaze reden, want ons vertrek heeft niets met hem of zijn vader te maken gehad."

Het meisje gaf geen antwoord, maar trok een proper mondje en een gezicht, alsof zij haar vlag in top had geheschen en niet van plan was zich over te geven.

„Con," zeide mevrouw Willis nu, „ik wil je iets vertellen, dat ik niet aan de jongens gezegd heb en dat jij ook niet moet overbrengen, daar ik niet geloof, dat iedereen het weten mag. In den loop van het gesprek deelde mijnheer Mender mij in vertrouwen mede, dat mijnheer Prescot's gezondheid zeer veel te wenschen overlaat. Hij weet zelf eigenlijk niet hoe ziek hij is. Zijn hart is aangedaan en de dokters zien zijn toestand ernstig in; het is zeer goed mogelijk dat hij geen jaar meer leeft. Als er weer een Decembermaand aanbreekt, heeft de jongen misschien vader noch moeder meer. Ik zou zoo graag hebben, dat hij ten minste van dezen Oudejaarsavond een genoeglijke herinnering had. Con, weet je, hoe gelukkig wij op Foxbank dien avond gevierd hebben, toen je vader nog leefde?"

Het meisje keerde zich half om, alsof zij wilde heengaan; toen draaide zij plotseling den anderen kant weer uit en, haar armen om haar moeder heenslaande, verborg zij haar gezicht tegen haar hals. Zij zeide niets en gaf geen geluid; alleen het komieke haarvlechtje bewoog zich een paar malen stuiptrekkend op en neer, waaruit bleek, dat zij haar best deed, niet in tranen uit te barsten.

Toen Con een oogenblik later uit de eetkamer in de hal kwam, liep zij Bassett bijna omver, die haar naar alle waarschijnlijkheid daar had opgewacht. Er was reeds een kameraadschappelijke omgang tusschen „het Juweel" en Con ontstaan.

0

Sluiten