Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

dit feestje voornamelijk ter eere van je bekroning is aangericht."

Nauwelijks had mevrouw deze woorden uitgesproken of mijnheer Athelstan Bassett schoof zijn stoei achteruit en stond langzaam op onder de luidruchtigste toejuichingen.

„Dames en heeren," begon hij, „het-e-het doet mij veel genoegen een toast te slaan, dien u zeker wel zult willen aanhooren met-e-met —"

„Met grenzenlooze geestdrift," stelde Hubert voor. „Met teugellooze geestdrift," ging de spreker voort, die in het gewicht van het oogenblik, het woord niet goed had verstaan. „Wij-e-dat is — wij —"

„Hoor, hoor!" riep Edgar, terwijl een paar anderen met hun knokkels op de tafel gingen slaan. Een oogenblik scheen het of de taak, die „het Juweel" zich zelf had opgelegd, te zwaar zou blijken te zijn, tot de herinnering aan een onlangs gehouden prijsuitdeeling op de Koningsschool hem te hulp kwam, en hij een poos vlot kon doorspreken.

„Wij worden dezen avond vereerd," ging hij voort, beide duimen in de armsgaten van zijn vest stekende, „door de tegenwoordigheid van eenberoemdeschrijfster.(Toejuichingen) „Ik hoop," vervolgde de spreker met een handgebaar in de richting van Edgar en Bob, „dat deze beste jongens hun voordeel zullen doen met het voorbeeld van onze geëerde jeugdige gastvrouw." (Uitjouwingen van de beste jongens). „Ik hoop dat zij nu in de dagen van hun vroege jeugd het plan zullen opgevat hebben, zooveel mogelijk partij te trekken van hun talenten en de gelegenheid om te leeren, wetende dat — mannen van beteekenis ook eens jong zijn geweest en in hun jeugd veel hebben moeten leeren — en „Jong gewend, Oud gedaan."

Sluiten