Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

telijk door jouw tusschenkomst is hij ontkomen aan de handen van twee gewetenlooze personen, die niet veel goeds met hem voor hadden. Nu zou ik je iets willen geven, juist niet tot belooning, maar als een klein bewijs van mijn dankbaarheid. Zeg mij eens wat je graag zoudt willen hebben."

„O niets, dank u wel," antwoordde „het Juweel."

„Heb je dan alles wat je begeert?"

„Ja, vooreerst wel," antwoordde „het Juweel" vriendelijk. „Ik ben hier maar gelogeerd," voegde hij er na een kleine pauze bij, „maar, als u wat wilt geven, zou ik liever willen dat u het aan de Willissen gaaft."

„Ja, maar ik heb het nu over je zelf," zeide mijnheer Prescot met een vroolijke tinteling in zijn oogen. „Toch kon ik je nu wel eens vragen: waarmee denk je, dat ik je vrienden pleizier zou kunnen doen?"

„Het hangt er van af, wat u zoudt willen besteden," zeide „het Juweel" vertrouwelijk, en hij voegde er naïf bij: „u bent nogal rijk, bent u niet?"

Mijnheer Prescot lachte hartelijk. „Ja," antwoordde hij, „de menschen zeggen, dat ik er warmpjes inzit. Wat zou jij hun geven, als je in mijn plaats was?"

„U zoudt het hun in ieder geval kunnen leenen, als u het niet zelf gebruiktet," zeide de knaap bedachtzaam.

„Leenen? Wat?"

„Het Juweel" antwoordde met een enkel woord.

„O-ol" zeide mijnheer Prescot tamelijk verwonderd. Hij dacht even na en voegde er toen bij: „ik zal er eens over denken. Spreek er vooreerst met niemand over. Maar wat zou je voor je zelf wenschen?"

„Niemendal, ik wou alleen dat u dat deedt," was het vlugge

Sluiten